Het frontparadijs - Heinrich Wandt

ma 25/11/2013 - 16:04 Video update: di 26/11/2013 - 13:23 *** Heruitgave van een schandaalboek van een Duitse soldaat in Gent, tijdens de Eerste Wereldoorlog. Hij spijkert zijn oversten met naam en toenaam aan de schandpaal en hangt vooral hun vuile onderbroeken buiten.

het frontparadijs heinrich wandt michiel hendryckx eerste wereldoorlog gent schandaal recensie kristien bonneure

Michiel Hendryckx in Reyers Laat

over 'Het frontparadijs' van Heinrich Wandt, een ontluisterend getuigenis van een Duitse soldaat in Gent in WO I

Anti-militarist

 

 

Heinrich Wandt (1890-1965) was sociaal-democraat en pacifist, reisde door Europa, werkte als journalist maar werd in 1912 onder de wapens geroepen. Hij deserteerde, werd opgepakt en verdween negen maanden in de gevangenis. Eind 1914 stuurde men hen alsnog naar Ieper. Zijn fronttijd was beperkt; in de lente van 1915 kwam hij door gezondsheidsproblemen in Gent terecht, waar hij de hele verdere oorlog voor het Duitse militaire establishment werkte. Tegelijk was hij clandestien actief in de geheime, anti-militaristische Gentse Soldatenbond, die in een patisserie in de Mageleinstraat vergaderde. Maar hij hield zijn kruit droog tot na de oorlog, toen hij een explosief boekje open deed over de vreselijke wanpraktijken van zijn oversten in Gent.

J'accuse

‘Het etappeleven te Gent’ verscheen vanaf 1919 in afleveringen in een Berlijnse krant. Een jaar later kwam er een Nederlandse vertaling in boekvorm. Het is een keiharde aanklacht tegen de misdragingen van Duitse officieren, hun corruptie, wreedaardigheid, hebzucht, liederlijkheid, plantrekkerij. Wandt noemde man en paard en wat te verwachten viel, gebeurde. Na de publicatie kreeg hij meer dan 50 processen aan z’n broek, van mannen die zich belasterd en van hun eer beroofd voelden. Hij won die telkens, maar vloog uiteindelijk toch in de gevangenis, op beschuldiging van verraad. Na internationale –socialistische- actie werd hem gratie verleend.

Zijn ‘J’accuse’-boek raakte in de vergetelheid en is nu heel fraai heruitgegeven, met een voorwoord door journalist en fotograaf Michiel Hendryckx. Toch blijven er vragen. Is dit de volledige tekst uit 1920, omgezet in nieuwe spelling? Wie was/is de vertaler? Er zijn wat bladzijden met noten, maar naar mijn smaak toch te summier.

Van horen zeggen?

Het boek begint met een beschrijving van de eerste oorlogsmaanden in Gent. Het lijkt bijna het fameuze dagboek van Virginie Loveling, bekeken door een Duitse lens, ware het niet dat Wandt op dat moment niet in Gent was, en alles dus uit tweede, derde hand vernam! De lezer is geneigd om dit als een dagboek te beschouwen, quod non.

Wanneer hij de topofficieren en hun gedrag aanpakt, heeft hij dat wel uit goede bron, want dat was zijn eigen werkomgeving. De grote baas in Gent, Georg von Wick, werkte maar een uur per dag. Een andere chef ondertekende alles blindelings, ook -soldatengrapje- zijn eigen doodvonnis. Er was ook kapitein Max Henz, bijgenaamd de ‘pasja’, die een burgerjongen van 14 doodschoot omdat hij dacht dat het een ‘franc-tireur’ was. Iedereen wist dat hij hiermee ver over de schreef ging, maar “het onderzoek, slechts voor de vorm opgestart, werd in de doofpot versmacht”. 

Seksen en vreten tegen de verveling

Heel wat Duitse officieren waren van adel en drukten zich voor de actieve dienst aan het front in de Westhoek. Om de verveling te bestrijden waren ze vooral actief in het opeisen van drank en levensmiddelen die ze vervolgens naar hun families in Duitsland stuurden, of waarmee ze zelf dagelijkse slemppartijen aanrichtten. “De volgorde van wat hij naar binnen werkte was ongeveer deze: 1 hazengebraad, 25 glazen bier, 6 flessen Pommery, 12 cognacs”.

En seks natuurlijk. Gent was dé bordeelstad voor het Duitse leger en vooral de officieren lieten zich niet onbetuigd. Het waren prostituees maar ook Vlaamse huisvrouwen die –vaak om den brode- Duitsers ‘afwerkten’. Hoe groot de schaal van dit alles was, blijkt uit Wandts beschrijving van het Lousbergziekenhuis, dat honderden vrouwen met geslachtsziektes opving, uit de tamelijk nutteloze voorzorgsmaatregelen die het Duitse leger zelf nam en uit de vele etablissementen en estaminets waar Duitsers aan hun gerief konden komen. Bijvoorbeeld ‘In de veertien billekens’  in Afsnee, waar de waard zeven dochters had. Als het niet zo droevig was, dan was het om te lachen…

Straffeloos

Uiterst sarcastisch sluit Heinrich Wandt elk hoofdstukje over weer eens een ladderzatte officier af met de mededeling dat de man in kwestie uiteraard gedecoreerd werd na de oorlog. “De grote verdiensten die hij het vaderland bewezen had, werden beloond met het Ijzeren Kruis”.

Want als er al eens iemand tegen de lamp liep, was er sprake van schaamteloze klassenjustitie. Na de moord op jonkheer d’Udekem d’Acoz (une affaire de fesses) werden de adellijke daders met fluwelen handschoenen aangepakt.

Deze terechte heruitgave van het schotschift van Heinrich Wandt, met een toepasselijke vettige tekening van Otto Dix op het omslag, bewijst nog maar eens dat oorlog het allerslechtste in een mens naar boven haalt en dat op schuld helaas zelden boete volgt.

Kristien Bonneure
Kristien Bonneure is Cobra.be-redacteur en voormalig VRT-radiojournalist, blogt voor deredactie.be en volgt vooral non-fictie. Ze is de auteur van 'Stil leven. Een stem voor rust en ruimte in drukke tijden' (Lannoo, 2014)

[Het frontparadijs. Oorlogsrelaas van een Duitse soldaat in Gent van Heinrich Wandt is uitgegeven bij Hannibal, 288 p., met een audio-CD met het gelijknamige radioprogramma op Klara]