Vreemdelingen in de Westhoek - Geert Noppe

vr 27/09/2013 - 17:49 De geallieerden hebben vrijelijk uit hun koloniale reserves geput om de gelederen te versterken in de Westhoek. Geert Noppe brengt de 'vreemde' strijders respectvol in herinnering.

vreemdelingen westhoek eerste wereldoorlog

 

 

Het valt elke bezoeker van oorlogsbegraafplaatsen en –monumenten in West-Vlaanderen, Noord-Frankrijk en Verdun op hoeveel militaire zerken joodse, Arabische en Chinese lettertekens en symbolen vertonen. Er sneuvelden ook enorme aantallen Canadese en Australische jongeren in onze klei. Diepe ontroering en grote dankbaarheid zijn de enige reacties die we op al dat leed kunnen betonen. Geert Noppe, al jaren geobsedeerd door de eerste wereldbrand, geeft in zijn boek 'Vreemdelingen in de Westhoek tijdens de Grote Oorlog' in 200 bladzijden een volledig overzicht van al die verre, vreemde strijders in de westelijke loopgraven. Het resultaat is verbijsterend.

Racisme

Met honderdduizenden waren ze; ze sneuvelden massaal, kreunden op enkele uitzonderingen na onder discriminatie, minachting en vernedering. De drie eerste aanvallen met gifgas gingen de richting van niet-Europese bataljons uit. Een uit Afrika meegesmokkelde baviaan bracht het tot korporaal, terwijl de meeste Afrikaanse soldaten niet eens een wapen mochten dragen en vooral dienst deden als koelie, slaaf, loopgravendelver, verkenner, kanonnenvlees dus. Drie Zuid-Afrikanen zijn nog dit jaar gevonden in een bouwput en eervol begraven naast hun vele lotgenoten.

De twee grote geallieerde legers, de Franse en Britse oorlogsmachines, hebben rijkelijk gedolven in de menselijke voorraden in hun kolonies, mandaatgebieden en Gemenebest. Het gaf de Duitse legerleiding, die de koloniale soldaten in Afrika hield, de kans om een vuige racistische campagne te voeren tegen de geallieerde barbaren en half-mensen. Het racisme stak ook al die samengetroepte vreemdelingen aan. Er zijn doden gevallen bij vechtpartijen tussen Afrikaanse en Chinese sukkelaars. De Chinezen zaten in zowat alle geallieerde bataljons, of ze nu uit Canada of Nieuw-Zeeland kwamen.

Oh what an exotic war

Maar Geert Noppe heeft geen miserabel treurnisboek geschreven. Ondanks de ernst en de gedegen overzichtelijkheid zit er ook humor en mooie humaniteit in zijn teksten en talrijke uitstekende foto’s.

Sikh-soldaten en eskimo’s in de straten van Ieper, Steenvoorde, Wijtschate, Roesbrugge, Koksijde en Poperinge (POP genoemd door de vreemdelingen), het heeft wel iets. West-Vlaamse autochtonen die verbaasd en zelfs eerbiedig kijken naar biddende moslims, nice! Aboriginals, Japanners en anderen hadden blijkbaar toch voldoende ruimte in het schip om een deel van hun kleerkast mee te brengen, want ze vierden hun feesten aan het front in vol ornaat, tot vermaak van hun Franse en Britse makkers.

In de stapel literatuur over wat mijn grootouders “den anderen oorlog” noemden, zal dit boek zeker bovendrijven.

Lucas Vanclooster
Lucas Vanclooster schreef onder de naam Johny Van Tegenbos vier romans en was chauffeur van de Nationale Opera voor hij in 1994 bij het radionieuws van de VRT kwam werken. Hij is dol op oude auto's, 20ste eeuwse kunst, architectuur, muziek en literatuur.

[Vreemdelingen in de Westhoek tijdens de Grote Oorlog van Geert Noppe, uitgeverij Groeninghe]