Neil Young + Promise of the Real - The Monsanto Years

vr 03/07/2015 - 10:42

neil young promise of the real the monsanto years recensie dirk steenhaut

Neil Young wordt dit jaar zeventig, maar hij is duidelijk niet van plan het kalmer aan te gaan doen. Goed een half jaar na het voortreffelijk ‘Storytone’ komt hij alweer met een nieuwe plaat op de proppen. Dat Young bezorgd is over de toestand van de planeet, wisten we al langer: sinds ‘After the Goldrush’ is ecologie een regelmatig terugkerend thema in zijn songs. Op platen als ‘Fork in the Road’, een pleidooi voor het gebruik van een milieuvriendelijke auto, en ‘Greendale’ neemt het zelfs een centrale plaats in. En nu de artiest een late romance beleeft met de actrice en activiste Darryl Hannah, is zijn engagement nog toegenomen.

In die mate zelfs dat hij op ‘The Monsanto Years’ de controversiële Amerikaanse chemiereus Monsanto in het vizier neemt. Neil Youngs woede over de wanpraktijken van de multinational is zeker niet gespeeld. Tenslotte gaat het om het bedrijf dat ooit DDT en het ontbladeringsmiddel Agent Orange produceerde, kankerverwekkende groeihormonen, PCB’s en pesticiden op de markt brengt en Amerikaanse boeren onder druk zet om GMO’s (genetisch gemodificeerde zaden) te gebruiken. Als mede-oprichter van Farm Aid springt Dinosaur Sr. in de bres voor landbouwers die organisch voedsel willen produceren en spuwt hij zijn gal op corrupte politici die de belangen van grote corporaties boven de volksgezondheid stellen.

Youngs verontwaardiging over het gekonkel op hoog niveau en het ook in Europa voelbare bankroet van de democratie is zo groot dat hij weer eens een echte agitprop-cd heeft gemaakt. ‘The Monsanto Years' is in meer dan één opzicht vergelijkbaar met ‘Living With War’, zijn protestplaat tegen het beleid van George Bush Jr. uit 2006. De songs zijn snel en impulsief geschreven, de weinig geïnspireerde en soms duidelijk gerecycleerde melodieën staan volledig ten dienste van de boodschap, maar jammer genoeg missen ze de tijdloosheid van de protestliederen van Woody Guthrie of Pete Seeger. De meeste nummers klinken op het drammerige af. En hoewel we Neil Youngs kritiek op Monsanto, Wal-Mart, Chevron, Citizens United en Starbucks moeiteloos kunnen bijtreden, komt de man tekstueel niet veel verder dan de simplistische slogans die betogers doorgaans in megafoons schreeuwen of op spandoeken schrijven.

De nuance is, met andere woorden ver te zoeken. Wat geknipte materie is voor publieke meetings, panelgesprekken, essays of sociale media, komt in de songs vaak nogal geforceerd over. In het verleden heeft Neil Young al vaak genoeg bewezen dat hij als individualist waardevoller werk produceert dan als populist. Geen wonder dus dan zijn 36ste soloplaat zich op geen enkele manier kan meten met de hoogtepunten uit zijn oeuvre, al vermoeden we dat zulks ook nooit de bedoeling is geweest. ‘The Monsanto Years’ is geen plaat voor de eeuwigheid, ze is bedoeld voor het moment en zet aan tot actie.

Young nam zijn nieuwe songs op met Promise of the Real, een losjes uit de pols spelende rootsrockband waarin twee zonen van zijn goede vriend Willie Nelson (Micah en Lukas) figureren. Dat leidt tot een even rammelende als grofkorrelige sound die vaker aan The Stray Gators dan aan Crazy Horse herinnert. The Loner zingt dit keer nog onvaster dan we van hem gewend zijn en hoewel zijn grungy gitaarspel intact is, komt er zelden iets voorbij dat je echt de oren doet spitsen.

‘People Want to Hear About Love’, waarin de zanger vaststelt dat er in de entertainmentsector meer vraag is naar oppervlakkigheid dan naar diepgang, en de ecohymne ‘A New Day For Love’ doen klankmatig denken aan ‘Ragged Glory’, maar zijn helaas een graadje minder sterk. ‘A Rock Star Bucks A Coffee Shop’, met een ellendig gefloten refreintje, is banale barroom rock; de cowpunk van ‘Workin’ Man’ is een doorslagje van ‘Motor City’ uit ‘Re-ac-tor’ en ‘Rules of Change’ steunt op de riff uit ‘Wild Thing’. Zo klinkt een grote artiest die vindt dat hij niets meer te bewijzen heeft en zich aan gemakzucht bezondigt.

Tot de betere momenten behoort het pastorale maar naïeve ‘Wolf Moon’ (“Wolf moon, thank you for rising / Big sky, I’m grateful for your parting clouds”), dat met zijn akoestische gitaar, harmonica en pedalsteel naar ‘Harvest’ verwijst. ‘Big Box’, met een eendimensionale tekst die past bij de Occupy Wall Street-filosofie, herinnert in stilistisch opzicht aan de epische nummers uit ‘Broken Arrow’ en in afsluiter ‘If I Don’t Know’ verduidelijkt Neil Young waarom hij ‘The Monsanto Years’ heeft gemaakt. Wanneer de jonge generaties passief toekijken hoe de wereld naar de haaien gaat, kan de artiest niet aan de zijlijn blijven toekijken en dus uit hij zijn onmacht in zijn muziek.

Neil Youngs strijdbaarheid dwingt respect af, zoveel is zeker. Alleen is het jammer dat hij er niet (meer) in slaagt zijn bevlogen maatschappelijke bezorgdheden vorm te geven op een manier die hem ook als artiest eer aandoet.

Dirk Steenhaut
Dirk Steenhaut studeerde Engelse letterkunde aan de VUB en was ruim twintig jaar muziekjournalist bij de krant De Morgen. Hij werkt nu freelance, onder meer voor Cobra.be, Knack en het cultuurmagazine Staalkaart.

['The Monsanto Years' – Neil Young + Promise of the Real. Reprise, 2015.]