Ólafur Arnalds – The Chopin Project

vr 05/06/2015 - 16:06

olafur arnalds alice sara ott neoklassiek frederic chopin klassiek recensie dirk steenhaut

Klassieke muziek, gespeeld door 'levende wezens'

Meer en meer klassiek geschoolde muzikanten en componisten zijn opgegroeid met rockmuziek en zoiets laat onvermijdelijk sporen na. Waar in academische middens de partituur nog altijd als heilig wordt beschouwd en geoordeeld wordt dat de uitvoerder geen duimbreed mag afwijken van wat de componist heeft genoteerd, is er inmiddels een generatie opgestaan, met Max Richter en Nils Frahm, voor wie de vertolking best wat persoonlijker mag.

Ook de 28-jarige neoklassieke componist Ólafur Arnalds heeft een hekel aan steriele conservatoriumregeltjes. Als tiener drumde de IJslander bij punk- en metalbands, maar tijdens bezoekjes aan zijn oma kreeg hij enkel muziekjes van Frédéric Chopin voorgeschoteld. Het leidde er uiteindelijk toe dat hij piano en compositie ging studeren. Het werk van de Poolse romanticus ligt hem nog altijd na aan het hart: enkele uren voor zijn oude, zieke grootmoeder overleed, luisterde hij samen met haar nog naar een sonate van de meester. Zijn nieuwe cd, ‘The Chopin Project’, heeft voor hem dus een uitgesproken emotionele betekenis.

De plaat is een hommage, maar ze doet wél eigentijds aan. Voor iemand als Ólafur Arnalds, die vertrouwd is met het oeuvre van The Beatles en The Beach Boys, is het immers vanzelfsprekend dat je de studio als onderdeel van een compositie kunt gebruiken en dat de specifieke ruimte waarin een muziekstuk wordt opgenomen invloed heeft op zijn sound.

Arnalds verzet zich tegen het idee-fixe dat het werk Chopin per definitie op een welbepaalde vleugel gespeeld dient te worden. Samen met de gerenommeerde Japans-Duitse pianiste Alice Sara Ott, ging hij in schoolgebouwen op zoek naar oude piano’s met karakter, probeerde hij de ‘ambiance’ van diverse locaties uit en experimenteerde hij met opnametechnieken die hem zouden toelaten het werk van Frédéric Chopin op een nieuwe, onbevangen manier te laten horen.

In vijf van de negen gevallen schreef hij nieuwe composities (zelf spreekt hij van ‘recompositions’), geïnspireerd door thema’s van Chopin. Zo is het voor strijkkwartet gearrangeerde ‘Verses’ een herinterpretatie van de daaropvolgende ‘Piano Sonata No.3: Largo’, die op een meditatieve manier wordt uitgevoerd door Ott. Zo vertellen beide musici samen hun eigen verhaal. “This is the sound of humans making music”, zegt Arnalds, die de jongste jaren ook al voor soundtracks voor balletvoorstellingen, films en de tv-reeks ‘Broadchurch’ tekende. Dat betekent vooral dat de emotie primeert op de technisch perfecte vertolking. 

Soms piept een pianokruk of weerklinkt het geritsel van een partituur. In ‘Eyes Shut/ Nocturne in C Minor’ kun je Alice Sara Ott zelfs horen ademen. In ‘Prélude in D Flat Major’ hoor je dan weer spelende kinderen en het gekletter van de regen. De muziek wordt weliswaar met veel gevoel en respect gebracht, maar staat bij Arnalds en Ott niet op een voetstuk: ze maakt deel uit van het dagelijkse leven.

Naar goede gewoonte combineert Ólafur Arnalds piano met violen en synthesizers, zodat ‘The Chopin Project’ naadloos aansluit bij ouder werk als ‘Eulogy for Evolution’ of ‘… And They Escaped the Weight of Darkness’. Het blíjft klassiek, maar die term betekent in de 21ste eeuw uiteraard iets anders dan in de negentiende. Of de muziek Chopin door die nieuwe dynamiek per definitie ook minder accuraat klinkt, is nog maar de vraag.

Dirk Steenhaut
Dirk Steenhaut studeerde Engelse letterkunde aan de VUB en was ruim twintig jaar muziekjournalist bij de krant De Morgen. Hij werkt nu freelance, onder meer voor Cobra.be, Knack en het cultuurmagazine Staalkaart.

['The Chopin Project' – Ólafur Arnalds & Alice Sara Ott. Mercury Classics, 2015]

beluister dit album via Spotify