Marcel van Maele in meervoud

do 09/10/2014 - 06:22 Update: do 08/01/2015 - 16:47 **** De Brugse dichter Marcel van Maele is weer thuis. Dat ligt niet voor de hand, want als jongeman zwierf hij al uit, omdat hij de mentaliteit in Brugge en in Vlaanderen te verstikkend vond. Maar zijn geboortestad eert hem op passende wijze, met twee tentoonstellingen, stelde Paul Demets tot zijn genoegen vast.

boek tentoonstelling marcel van maele dichter kunstenaar brugge marcel van maele in meervoud vuurtaal spuwen boek recensie paul demets

©Musea Brugge
©Musea Brugge


Met mijn dood sterft alles mee
ook wat overblijft:
een vruchteloos debat,
een boek – vol woorden ter verduidelijking-,
een grijns.
Ik ken verduiveld goed de grens tussen drift en durf,
daarom ligt mijn hand op de wekker,
-nee, ik speel niet mee-
ook niet met een nouveau nouveau roman.
Ik,
het resultaat van wat is en wat was,
blijf nooit mezelf
dat is in beweging zijn
terwijl pijn aan de stilte knaagt.
En verder drijven met kristal verbazing,
de rinkeling, de wekker,
de vragen weken of ontwijken, en aanvaarden
hartstochtelijk de klappen van de zweep.
Klappertandend geduld,
ik sla de fles aan scherven.


Marcel van Maele

Een rusteloos bestaan

Wie is Marcel van Maele?

Het programma 'Kreatief met poëzie in het Paleis' maakt een eigenaardig portretje van dichter Marcel van Maele', "de boeiendste persoonlijkheid onder de hedendaagse jongeren in ons land" volgens Jan Walravens. (Kreatief met poëzie in het Paleis, 27 oktober 1966)

Marcel van Maele (1931-2009) is altijd een vrijbuiter geweest. Op 10 april 1931 werd hij in Brugge geboren. Maar als prille twintiger kreeg hij hier al niet voldoende zuurstof meer naar zijn zin en trad hij vrijwillig in dienst van de VN-strijdkrachten in Korea. Het was het begin van een zwerftocht door allerlei landen. Hij leidde een rusteloos bestaan en oefende verschillende beroepen uit om te overleven; Maar dat weerhield hem er niet van om in 1956 te debuteren met de poëziebundel 'Soetja'. Hij was bijzonder productief in de jaren vijftig en zestig: in 1970 had hij al dertien bundels gepubliceerd.

Yves T’Sjoen en Els van Damme bundelden dit eerder experimentele werk in een boeiende editie, 'Vuurtaal spuwen. Poëzie van Marcel van Maele (1956-1970)'.
 

Een Einzelgänger

Marcel van Maele opent de Nacht van de Poëzie

Marcel van Maele leest voor. (Nacht van de poëzie, 6 maart 1973)

Van Maele was een Einzelgänger. Niet verwonderlijk dat hij het amper twee jaar, van 1962 tot 1963, uithield in de redactieraad van het tijdschrift Labris, waarvan hij nochtans de medestichter was. Regelmatig liet Van Maele door zijn acties en capriolen van zich spreken. In 1973 schiet hij de Nacht van de poëzie letterlijk op gang. En in datzelfde jaar verpakt hij zijn bundel 'Vakkundig hermetisch: eenentwintig introverte gedichten' in een blok polyester en verbrandt het manuscript bij de voorstelling. Zijn vriend Roger de Neef getuigt over de anarchistische dichter, die niets moest hebben van gezagsdragers, van het koningshuis en de kerk: ‘Tegenover politieoptredens ontwikkelde Marcel een strategie van privé-acts die meestal een speels en spits provocerend karakter hadden. […] Marcel veroorzaakte met zijn solo-optredens een even grote toeloop als bij een happening.’ Toen hij in 1966 de Dirk Martensprijs voor poëzie won, gaf hij met een deel van het geld de opdracht aan twee taxichauffeurs om op de Grote Markt van Brussel de hele tijd rondjes te rijden, terwijl hij zich samen met vrienden op een terras te goed deed aan bier, jenever en broodjes.

De explosieve kracht van zijn taal

Wat is poëzie?

Al die avonturen mogen de waarde van zijn poëzie niet in de schaduw plaatsen. In zijn vroege periode, tot het begin van de jaren zeventig, valt vooral de explosieve kracht van zijn taal op. Hier zien we de zelfbewuste dichter die met veel retorische kracht de vuist balt en zich weerbaar, maar ook kwetsbaar, opstelt. Zoals hier, in een gedicht uit 'No man’s land' (1968): ‘wat nu? De levende doden bezingen?/ zie hoe het gedicht in zuignappen stikt/ in kwalen wegkwijlt./ zal ik op de gouden hoorn de revolutie blazen?’ De dichter-scherpschutter kent het spanningsveld tussen verwording en verwoording in zijn gedicht uit 'Scherpschuttersfeest' (1968) dat ik koos.
In zijn latere poëzie wordt Van Maeles toon rustiger, maar zeker niet berustend. ‘Als de dagen grijzer worden, / als het rad het noodlot tart,/ als de dood zich in de dood verschanst,/ danst de clown de charleston/ op de tonen van de bombardon’, lezen we in de bundel 'Rendez-vous' (1995).
 

Een sterk karakter

De verduistering

Reporter Wilfried Bertels van Terloops praat met Marcel van Maele over zijn vele oogoperaties, over het verdere verloop van zijn leven, over het schrijven met zijn handicap. (Terloops, 11 januari 1986)

Van Maele was een reus van een man, die heel wat alcohol aankon. Hij had een sterk karakter, dat hem hielp om door de moeilijke decennia te komen, nadat hij in 1986 na talrijke netvliesoperaties volledig blind geworden was. Hij bleef schrijven en publiceren, met de steun van zijn vriendin Carine Lampens. In 2009 bezweek hij toch, na een lange, slepende ziekte. Van Maele publiceerde trouwens niet alleen poëzie, maar schreef ook proza, theaterteksten en scenario’s. Ongelooflijk waar hij de kracht vandaan gehaald heeft om dat, ondanks alle avonturen en tegenslagen in zijn leven, allemaal te realiseren.

Marcel van Maele en Marcel Broodthaers

De blik van Marcel Van Maele

Marcel Van Maele is vooral bekend door zijn dichtkunst. Naast gedichten maakt hij ook objecten die dichtbij zijn poëzie staan "in een niemandsland tussen literatuur en plastische kunsten". Zijn kijk op de wereld is die van een milde, ironische rebel. Dat heeft hij gemaan met Marcel Duchamp en Marcel Broodthaers. Hij zet de lijn van hun tegendraadse humor onvermoeibaar voort. (Kunst-Zaken, 21 juni 1983)

Al te vaak werd er, wanneer er in het verleden aandacht besteed werd aan de dichter Marcel van Maele, vermeld dat hij ook als beeldend kunstenaar actief was. Onterecht werd daardoor de indruk gewekt dat dit aspect minder belangrijk was. Niets was minder waar. In het Broodthaerskabinet van het Groeningemuseum wordt op de verwantschap en zelfs beïnvloeding gewezen tussen Marcel van Maele en Marcel Broodthaers, die in de jaren zestig in Brussel intens bevriend waren. Broodthaers schoof radicaal op naar de beeldende kunst, alhoewel hij in zijn beeldende taal nog vaak alludeerde op poëtische kwesties als vorm en inhoud en de act van het schrijven. Van Maele bleef beeldende kunst en poëzie combineren. In het Broodthaerskabinet is het beeldend werk te zien waar Van Maele het bekendst mee werd vanaf 1972: zijn 'Gebottelde gedichten'. Zoals Broodthaers zijn poëziebundel 'Pense-Bête' in 1964 in een mal opsloot in gips, stopte Van Maele zijn gedichten in een fles. In 1965 was Van Maele trouwens een van de eersten die met ‘Mosselen: op en top pop’ een essay schreef over het beeldende werk van Broodthaers.

De tentoonstelling

©Musea Brugge

Met de tentoonstelling Genummerd & Getekend. Marcel van Maele in Meervoud in het Gezellemuseum hebben de curatoren Johan Pas en Yves T’Sjoen voor een heel mooie inkijk in het rijk gevarieerde oeuvre van Van Maele gezorgd. Niet alleen zijn poëziebundels zijn er te zien, maar ook de bibliofiele uitgaven, de grafiekmappen en de multipels. Film- en geluidsfragmenten verlevendigen de tentoonstelling. Brugge schenkt op die manier een van zijn dichters de postume eer die hij verdient. Van Maele zou gegrijnsd en geglunderd hebben.

Paul Demets
Paul Demets is dichter en poëzierecensent.

[De tentoonstelling 'Genummerd & Getekend. Marcel van Maele in Meervoud', is verruimd en verlengd tot en met 15 maart 2015 in het Gezellemuseum in Brugge]
['Marcel van Maele en Marcel Broodthaers' in het Groeningemuseum
werd uitgebreid met twee sleutelwerken van Van Maele, 'Hier en daar' uit 1982 en 'Hommage aan M.B.' uit1996.]

©Musea Brugge

Publicaties

[Marcel van Maele in meervoud van Johan Pas en Yves T’Sjoen (red.) is een uitgave van Pandora Publishers, 2014, 199p.]

[Vuurtaal spuwen. Poëzie van Marcel van Maele (1956-1970) van Yves T’Sjoen en Els van Damme (ed.) is een uitgave van ASP, 2014, 509 p.]