Tijd voor Tati

'Playtime'
wo 15/07/2015 - 16:50 Cinematek en Flagey verwennen het publiek deze zomer met de langspeelfilms van Jacques Tati.

jacques tati film frankrijk komedie klank klassiekers mon oncle hulot playtime cinematek flagey

Jour de fête’, ‘Les Vacances de M. Hulot’, ’Mon oncle’, ’Playtime’, ‘Trafic’, ‘Parade’. Tati had 35 jaar nodig om deze zes films te draaien, maar het werden wel zes titels die het aanzicht van de komische film ingrijpend zouden veranderen.

Wie herinnert er zich vandaag Monsieur Hulot nog? Een grote man in een regenjas, een paraplu onder de arm, een pijp in de mond, een scheef hoedje op het hoofd en een broek met iets te korte pijpen. Met zijn zeer eigen stap en typische onhandigheid brengt hij anarchie, chaos en een beetje avontuur waar rust, discipline en alledaagse verveling heersen.

62 jaar na zijn première kan wie ‘Les vacances de M. Hulot’ gezien heeft niet in een hotel aan de Franse kust verblijven zonder met de ogen van Tati het leven te observeren. Een tingelende ijskar die langskomt, een ping-pongend balletje, tennisspelers rond het net, altijd zullen ze ons aan deze klassieker laten denken. Horen we daar niet de prachtige jazzsaxofoonmuziek die Alain Romans voor de film componeerde? Oscar Wilde zei het al: het is niet de kunst die het leven imiteert, maar het leven de kunst.
Welk kind droomt er niet van een oom als ‘l’oncle Hulot’? Een oom die plaats laat aan de verbeelding en met de glimlach een beetje lucht in de moderne tijden brengt.
 

Net als Chaplin en Buster Keaton voor hem kreeg Jacques Tati er vele generaties filmbezoekers mee aan het lachen. Net als die toonaangevende figuren uit de Amerikaanse burleske film was hij op een bepaald moment de gevangene van zijn creatie en zocht hij een uitweg. Dat werd het magistrale ‘Playtime’, een film gedraaid op 70 mm. Voor deze film liet hij net buiten Parijs een modernistische stad in glas en staal optrekken. Tati stak er zoveel geld in dat hij de rest van zijn leven schulden diende af te betalen. Een meesterwerk waar het publiek niet voor kwam opdagen. Een flop aan de box-office die met de jaren de erkenning krijgt die het verdient. Er gebeurt in deze film zoveel op dat reuzengrote scherm dat je met één visie ogen tekort komt om alles te vatten. En hoewel er nauwelijks dialogen in voorkomen is er heel veel te horen.
Iedereen herkent wel de electronische blieps van de intercom in het immense bureellandschap, de typische ploink-klank van een automatische klapdeur of het zuigende geluid van lucht die ontsnapt uit het zitkussen van een moderne zetel. In de films van Tati klinken die echter dan echt. In die mate dat we ons afvragen of Tati ons al lachend heeft leren luisteren.
 

In Cinematek zeggen ze: “Achter de slapstick en burleske humor van Jacques Tati schuilt een radicale visie op cinema. Niet alleen zijn z'n films visuele meesterwerken waarin het woord van geen tel is, maar ook stopt hij zijn beelden zo vol dat je als kijker moet kiezen waar je je blik laat rusten.

[De films van Jacques Tati, tot 30 augustus in Flagey, Studio 5, Cinematek, Brussel]

Jacques Tati in het archief