De aanslag verstript

wo 29/04/2015 - 14:59 *** 750.000. Zoveel exemplaren werden er sinds 1982 verkocht van De aanslag van Harry Mulisch. Vier jaar later werd de roman verfilmd door Fons Rademakers. En deze week verscheen de eigenzinnige stripadaptatie van de Nederlander Milan Hulsing. Poëtischer en expressiever dan het origineel. Maar werkt het ook?

milan hulsing de aanslag harry mulisch graphic novel strip recensie geert de weyer

De Nederlandse stripauteur Dick Matena wist het al: zijn landgenoot Harry Mulisch (1927-2010) was niet bepaald een stripliefhebber. "Hij vond strips altijd iets voor kinderen," vertelde Matena in 2012. "Je kon het niet eens dedain noemen wat hij voor strips had." Maar volgens Matena veranderde Mulisch plotsklaps van mening toen hij Matena's integrale stripbewerking van ‘De avonden’ van Gerard Reve zag. "Dat soort schrijvers zag plots dat het best wel mogelijk was om iets moois, aantrekkelijks en aardigs te maken met behoud van hun tekst." In de gesprekken die volgden, liet Mulisch aan zijn uitgeverij De Bezige Bij weten dat een eventuele verstripping van zijn werken wèl mogelijk was. De eerste stripauteur die aan zijn deur klopte, was Matena. Maar die raakte in onmin met De Bezige Bij en zag zijn project alsmaar op de lange baan verschuiven. Uiteindelijk wist Matena de plooien toch weer glad te strijken en kreeg hij uiteindelijk groen licht van Mulisch’ weduwe om één van diens oude theaterstukken te bewerken.

Vreemd genoeg was het niet Matena, maar zijn landgenoot Milan Hulsing die erin slaagde om als eerste met een Mulisch-verstripping op markt te komen. En wat voor één?! ‘De aanslag’, uit 1982, is een van 's mans bekendste romans. Sinds het boek verscheen, werden er alleen al in Nederland en Vlaanderen zo'n 750.000 stuks van verkocht. Ook internationaal werd de roman een verkoopsucces. De verfilming ervan door Fons Rademakers deelde in het succes. In 1987 won de film de Oscar voor beste buitenlandse film, en een Golden Globe in dezelfde categorie.

Persoonlijke band

Nu is er dus de graphic novel. Ook uitgegeven bij De Bezige Bij. Een eigenzinnige adaptatie, geeft de uitgeverij toe. Sinds Matena in 2001 begon met de integrale verstripping van enkele Nederlandse meesterwerken als ‘De Avonden’, ‘Kaas’ van Willem Elsschot en ‘Kort Amerikaans’ van Jan Wolkers, heeft hij vreemd genoeg weinig navolgers gekregen.

Milan Hulsing (41) was een van de eersten, maar hij koos voor zijn eerste literaire verstripping niet voor een roman van een Nederlandse schrijver. In 2011 verscheen van zijn hand ‘Stad van klei’, een stripadaptatie van het boek ‘Al-Khaldiya’ (‘Over de brug’) van de Egyptische dissidente schrijver Mohamed el-Bisatie. Via het wedervaren van een mentaal labiel wordende ambtenaar werd daarin de corrupte Egyptische overheid bekritiseerd. Anders dan bij Matena, is er bij Hulsing geen sprake van een integrale verstripping. Niet in het geval van ‘Stad van klei’, en ook niet bij deze ‘De aanslag’. Kan ook moeilijk anders. Een recente mid-price editie van ‘De aanslag’ bedraagt 256 pagina's, terwijl deze stripadaptatie 160 pagina's telt.

Hulsing zei de voorbije weken tegenover Nederlandse kranten dat hij om verschillende redenen een persoonlijke band heeft met Mulisch' boek. Naast het feit dat hij een Tsjechische moeder heeft, door wie de Praagse Lente voor hem betekenis kreeg, waren zijn grootouders lid van de CPN, de Communistische Partij van Nederland. Die was erg actief bij het gewapend verzet tijdens de Wereldoorlog II en had vooral na 1945 een grote aantrekkingskracht. Als kleine jongen wandelde Hulsing ooit mee in een betoging tegen kernwapens, waarbij hij met zijn vader vlak achter Mulisch kwam te staan. "Daardoor had mijn vader het idee deelgenoot te zijn van het boek De Aanslag," aldus nog de auteur. Sowieso houdt Hulsing van het werk van Mulisch. Zeker van ‘De aanslag’. "Het is een oorlogsroman die ook verschillende naoorlogse periodes bestrijkt die interessant zijn,” zei hij daarover.

Het verhaal

De aanslag is een beklemmende roman waarin de schuldvraag centraal staat. Hoofdpersonage is een zekere Anton Steenwijk, een man van middelbare leeftijd die zich met flarden een nacht herinnert waarin verzetsstrijders een man vermoorden en diens lijk op de stoep voor het ouderlijk huis van de Steenwijks leggen. Wanneer zijn broer het lijk wil verplaatsen, wordt hij opgepakt door de Duitsers. Daar houdt het niet bij op. Zijn ouderlijk huis wordt platgebrand en hij zal zijn moeder, vader en broer nooit meer terugzien.

Het voorval houdt hem decennia later nog bezig. Via een reeks ontmoetingen met de directe betrokkenen en getuigen van weleer tracht hij de ware toedracht van die noodlottige nacht te achterhalen in een poging om er ooit vrede mee te sluiten.

Vanaf de eerste pagina's wordt duidelijk dat Hulsing vrijelijk omspringt met Mulisch' verhaalopbouw. Waar de Nederlandse schrijver eerst over de moordpartij vertelt, draait Hulsing de plot om. Hij begint het verhaal in de cel waarin het hoofdpersonage Anton in de nacht van de aanslag belandt. Net als de lezer, kan Anton niet zien bij wie de vrouwenstem hoort die hem die nacht in de cel toespreekt. Een van de schutters wellicht. Maar de ontknoping daarvan laat lang op zich wachten.

Hulsing hanteert geen gemakkelijke grafische stijl. Technisch gezien zijn zijn personages eerder knullig en aan decors besteedt hij weinig aandacht, laat staan dat hij -zoals Matena in ‘De Avonden’ of ‘Kees de jongen’- de historische correctheid van gebouwen of interieurs wil benaderen. Een realistische stijl is het allesbehalve. Hulsing kiest voor een poëtische aanpak met scènes die baden in aardekleuren als rood, bruin en geel. Die aanpak, die sfeer, redt deze interpretatie van ‘De aanslag’.

Jonge graphic novellisten hebben vaak de neiging om hun vele plaatjes en pagina's in symboliek te laten drenken. Hulsing doet dat ook. Sterker: zijn dromerige stijl heeft dat nodig. Maar sommige van die pagina's of plaatjes zijn totaal overbodig. Het kost daarom enige moeite om je Hulsings stijl eigen te maken, zeker wat de eerste pagina's betreft. Maar de aanhouder wint. De wat gestileerde gezichten van de personages, de digitaal bewerkte aquarellen en de kleur dragen bij tot het aangenaam verteren van dit verhaal. Expressieve, wilde en krasserige lijnen zijn het, want het tekenwerk moest volgens Hulsing “passen bij de klare stijl van Mulisch”.

Gedurfd

‘De aanslag’ is zeker geen hoogvlieger geworden. Het boek ziet er fantastisch uit qua cover en inkleuring, maar qua dramaturgie en emotionaliteit van de hoofdrolspelers slaat Hulsing de bal bij momenten mis. Als lezer krijg je te weinig voeling met zijn personages.

Milan Hulsing

Een mooi voorbeeld daarvan is de confrontatie tussen het hoofdpersonage en een jongen uit zijn jeugd, de zoon van de vermoorde man die voor zijn huis werd gedropt. Die jongeman is een karikatuur van zichzelf en de scène waarin hij met een spiegel gooit, laat aan duidelijkheid te wensen over. In dergelijke actiescènes is Hulsing niet op zijn best.

In een complex verhaal als dit mag hij best wel wat meer to the point zijn in plaats van te veel zijsprongetjes te maken of zijn poëtische stempel te pas en te onpas te willen drukken. Al werkt die benadering soms wel, moet ik toegeven. Zoals in de eindscène, eentje die overigens qua tempo wèl juist voelt, en waarin hij de emotionele ontknoping op een sublieme manier symbolisch in beeld weet te brengen. Nu, je moet maar durven, zo'n literaire klassieker verstrippen in je persoonlijke, eigenzinnige stijl. Chapeau, dus, al is het boek veel beter dan de strip.

Geert De Weyer
Geert De Weyer is al twintig jaar als (strip)journalist betrokken bij De Morgen, schreef enkele naslagwerken over strips (o.a. 100 Stripklassiekers, België Gestript en Loslopend Wild) en geeft in Vlaanderen lezingen over het beeldverhaal.

[De aanslag, Milan Hulsing, 160 pagina's, De Bezige Bij/Oog & Blik]