Ijstijd - Maartje Wortel

di 21/01/2014 - 16:23 **** Wanneer leef je écht? is de hamvraag in de tweede roman van Maartje Wortel. Haar hoofdpersonage verliest zich in gepieker en voegt zich ondertussen naar wat de buitenwereld van hem verwacht.

maartje wortel ijstijd fictie roman nederlands recensie annick vandorpe

Binnen de jonge generatie Nederlandse auteurs bekleedt Maartje Wortel (1982) een aparte plaats. Ze had zich al laten opmerken met korte verhalen in literaire tijdschriften, toen ze in 2009 bij De Bezige Bij debuteerde met de bundel 'Dit is jouw huis'. Critici prezen de puntige observaties van de jonge schrijfster, haar humor en de kunst om met weinig woorden veel te zeggen. In de Volkskrant noemde Daniëlle Serdijn haar “reusachtig veelbelovend”. In 2011 verscheen haar eerste roman 'Half mens', over een Mexicaanse taxichauffeur en een jonge Nederlandse studente die toevallig contact krijgen en overgeleverd worden aan elkaars obsessies. De bizarre leefwereld van de personages, de droge verteltoon en de gebalde maar toch poëtische stijl vielen bij velen in de smaak en het boek kreeg nominaties voor verscheidene literaire prijzen.

In haar nieuwe roman 'IJstijd' geeft Maartje Wortel het woord aan een randfiguur uit 'Half mens', James Dillard. Daar is hij drieënveertig jaar en woont hij in Amerika, hier is hij begin dertig en leeft hij in een hotel in Amsterdam. Hij ligt op zijn bed te treuren omdat zijn vriendin Marie hem de bons heeft gegeven, wanneer hij telefoon krijgt.


“‘Hi,’ zegt een stem die van Marie noch mijn moeder is. De stem klinkt vrouwelijk zacht en windt me op, de vrouw aan de andere kant van de lijn praat op een manier waarin besloten ligt dat er dingen staan te gebeuren, zoals bij het bellen van een sekslijn, maar dan anders, want ik ben niet degene die de stem gebeld heeft, de stem belt mij.”
 

Existentiële angst

Er mag best iets gebeuren in het leven van James Dillard. Van hem valt weinig actie te verwachten. Dure kazen en wijnen bestellen op het internet, de hotelkat aanhalen, steeds dezelfde boeken herlezen, denken aan z’n ex en af en toe zijn moeder bellen (die het elke keer te druk heeft om met hem te praten) zijn z’n voornaamste bezigheden. Hij woont sinds zijn negentiende op hotel, werkt niet en heeft amper contact met de buitenwereld. Merkwaardig? Niet bij Maartje Wortel. In 'Half mens' waren de twee hoofdpersonages al onthecht, alsof ze toeschouwers waren van hun eigen leven. Hier gaat de schrijfster nog een stap verder. James Dillard kampt met een existentiële angst:
“Het gaat niet om oorlog of ouders of gezondheid of geld of vriendschap of liefde, het gaat om het gevoel dat ik voor niets leef, voor niemand. Er zitten mensen in mijn hoofd, maar ze kunnen me op geen enkele manier raken, ze komen nooit in de buurt van een kern, als je dat zo kunt noemen, en daardoor voelt het alsof ik niet besta.”

Een telefoontje van een onbekende vrouw is een groot evenement, temeer omdat deze onbekende, die Monica heet, hem een aanlokkelijk voorstel doet. Ze belt namens een uitgeverij en wil dat James Dillard een boek gaat schrijven. Hij zegt niet nee, stomverbaasd dat iemand interesse toont voor zijn leven. Terwijl hij het boekproject met Monica bespreekt, de Amerikaanse schrijver Chuck Palahniuk toevallig leert kennen, blijft treuren om Marie en in tussentijd fantaseert over elk meisje dat hij tegenkomt, krijgen we het verhaal van de stukgelopen relatie te horen.

 

Echt leven

De liefdeshistorie begint onder een afdakje in de regen. Hij valt op Marie’s atypische schoonheid en op haar manier van doen, “alsof ze bestaat zonder het zelf echt door te hebben”. Het duurt niet lang voor hij inziet dat het niet goed gaat met Marie, maar uit schrik om haar boos te maken en te verliezen gaat hij het probleem uit de weg. Wanneer zij vertelt over haar droom naar een afgelegen eiland in Zweden te verhuizen, twijfelt hij geen seconde. Uiteindelijk is hij het die de afzondering apprecieert, niet Marie. Haar toestand verergert, hij sluit zijn ogen en zij voelt zich verstikken in de relatie.


Doordat de flashbacks in de tegenwoordige tijd staan, lopen heden en verleden als het ware in elkaar over en zitten we de personages voortdurend dicht op de huid. De aanpak is elegant, maar heeft ook een inhoudelijke reden: James Dillard vervoegt niet in de verleden tijd omdat hij de bladzijde niet kan omdraaien.

'IJstijd' doet hier en daar denken aan de nieuwe roman van Franca Treur, 'De woongroep'. Beide vertellers lijden onder een slechte ouderrelatie, zijn eenzaten, leiden een comfortabel maar leeg leventje en willen hun bestaan betekenis geven. Terwijl Treurs personage heil zoekt in een activistische groepering, verliest James Dillard zich in gepieker en plooit hij zich naar de wensen van de ander, of toch naar wat hij vermoedt wat de ander van hem wil. Als van hem verwacht wordt dat hij een boek gaat schrijven, waarom niet? En als Chuck Palahniuk seks met hem wil, dan moet dat maar zo zijn, al is hij zelf hetero. Nieuwe ervaringen opdoen en daarbij soms tegen je eigen karakter of aard ingaan: is het ook een manier om écht te leven?

Maartje Wortel beroert de grijze massa van haar lezers voortdurend. Dat betekent niet dat 'IJstijd' zwaar op de hand is, integendeel. Ze laat ons vaak genoeg glimlachen, met de oneliners van Palahniuk bijvoorbeeld of als ze de uitgeverswereld op de korrel neemt, waar korte verhalen niet als een volwaardig genre worden beschouwd en de hype al te vaak primeert op de inhoud. Intelligent, geestig en origineel: de tweede van Maartje Wortel is een grand cru.

 

Annick Vandorpe
Annick Vandorpe schrijft recensies, reportages en soms proza. Op de blog 'Van boeken en mensen' mijmert ze over hoe literatuur haar dagelijks leven stuurt.

['ijstijd' - Maartje Wortel. Uitgegeven bij De Bezige Bij. 240p]