Een tijd als nooit tevoren - Nadine Gordimer

belga
di 14/05/2013 - 15:01 *** Het literair-politieke testament van de 90-jarige Nobelprijswinnares over de groeipijnen van de Zuid-Afrikaanse democratie is wat stug geschreven, maar het is een belangrijk boek.

nadine gordimer een tijd als nooit tevoren zuid-afrika recensie lucas vanclooster

Ruim zestig jaar al schrijft de Zuid-Afrikaanse Nobelprijswinnares Nadine Gordimer romans, verhalen en essays over haar land, zelden uitgesproken politiek, altijd maatschappelijk relevant. Lang voor John Coetzee en Damon Galgut legde ze de vervreemding en ontworteling van de apartheid bloot. Als 90-jarige heeft ze nu een vuistdik testament geschreven, revelerend, scherp, maar ook wat kreunend onder de nu wel duidelijk aanwezige politieke boodschap.

Anti-apartheidskoppel

'Een tijd als nooit tevoren' ('No Time like the Present'), een ironisch-optimistische titel, gaat over het gezin van Steve en Jabulile. Ze leerden elkaar kennen tijdens de strijd tegen de apartheid, ze doken onder, leefden in precaire omstandigheden in het oerwoud. Als scheikundige was hij bommenspecialist. Na de verkiezing van Mandela zetten de twee zich verder in om het nieuwe land vooruit te helpen, hij als wetenschapper en onderwijsdeskundige, zij als juridisch adviseur van vrouwelijke getuigen.

Steve is blank, half-joods, de zwarte Jabulile komt uit een vooraanstaande Zoeloe-familie. Haar vader is een charismatische, wijze predikant en schooldirecteur, die zijn dochter aanmoedigde, tegen alle culturele vooroordelen in, om te studeren, zelfs over de grenzen. Het ideale koppel heeft twee kinderen, halfbloeden uiteraard, een meisje, Sindiswa, niet half zo knap als haar oogverblindend mooie moeder, en Gary Elias, een moeilijke knaap die zich perfect thuisvoelt in zijn extended family met een ontelbaar aantal jonge neven en nichten. Naast dit gezin en familie lopen er nog een pak vrienden en kennissen doorheen het verhaal, maar die krijgen weinig profiel.

Politieke context

Het verhaal speelt zich af tijdens de overgang van de ontgoochelende tweede president Thabo Mbeki naar de corrupte polygamist en populist Jacob Zuma. Zuid-Afrika bereidt zich voor op de succesvolle, zo weten we nu, wereldkampioenschappen voetbal. In de coulissen warmt de beruchte en gewelddadige ANC-jeugdleider Julius Malema zich met veel gedruis op om na Zuma wellicht de macht te grijpen. Dit jaar is Malema trouwens uit het ANC gezet. Hij schreeuwde toen uit dat Zuid-Afrika hem moet behandelen zoals Mandela. Inderdaad, reageerde een comedian, laten we beginnen met 27 jaar Robben-eiland. Dat is de politieke context.

Gezin in transitie

Maar ook het gezin zit in een overgangsfaze. De roman begint als Steve en Jabu beslissen om te verhuizen van een bescheiden appartementje in de stad naar een veel riantere woning in De Buitenwijk, de biotoop van de nieuwe blank- en zwarte betere middenklasse, nog geen gated community, maar het komt in de buurt.

Als Jabu op een dag, gealarmeerd door de aanwezigheid van al met al onschuldige “zilvervisjes’’ in de boekenkast aan het schoonmaken slaat, vindt ze allerlei informatie over Australië. Steve speelde blijkbaar al lang, zonder iemand in te lichten, met de gedachte om Afrika definitief achter zich te laten. Maar tijdens zijn voorbereidingen leert hij dat Zuid-Afrika en Australië historisch grote overeenkomsten vertonen als het over kolonialisme, blanke suprematie, discriminatie en xenofobie gaat.

Te hoge verwachtingen

In een van zijn werken die in Zuid-Afrika spelen legt die andere Nobelprijs-winnaar J.M. Coetzee een personage , dat dicht bij de auteur staat, in de mond: ja natuurlijk is het nu veel beter dan onder de apartheid, maar, rijden we minder met de auto, lezen we meer poëzie? Uiteraard niet. Wie een volstrekt nieuwe mens in een humane voorbeeld-maatschappij had verwacht, kwam bedrogen uit. Zwarte parvenu’s zijn snel even racistisch als de oude blanke bonzen en Afrikaner-boeren, de kloof rijk-arm groeit nog. Het is de verdienste van Gordimer dat ze de recente geschiedenis van haar land realistisch bekijkt, als een verhaal van onvolmaakte mensen.

Een berg problemen

Na zoveel decennia starre apartheid worstelt de jonge ‘prille’ democratie met verschrikkelijke uitdagingen: de strijd tegen HIV-aids, waar politieke leiders groteske uitspraken over doen, de immigratie uit Afrikaanse conflict-landen die tot nieuwe sloppenwijken en discriminatie leidt, de milieuzorg in een snel groeiende economie, de (on) gelijkheid man-vrouw, de combinatie van genadeloze roofovervallen en tomeloos geweld tegen blank en zwart, het zwakke onderwijs waar honderdduizenden kinderen uit achtergestelde gebieden een plaats moeten krijgen, homorechten in een macho-cultuur…Tja, waar hebben wij in Godsnaam over te klagen in ons rijke, verwende, ontevreden landje.

Hard ontwaken

Pijnlijke incidenten maken de problematiek tastbaar. Twee keer is De Buitenwijk het slachtoffer van bruut meedogenloos geweld, ook kleurlingen en gewezen anti-apartheidsstrijders zijn het slachtoffer. Iedereen voelt zich een vreemdeling, een zwarte huid volstaat niet om zich thuis en veilig te voelen. En er is een schrijnend geval van racisme aan de universiteit van Steve: blanke rijkeluiszonen dwingen nieuwe zwarte personeelsleden om voedsel te nuttigen, waarin ze geürineerd hebben. Uiteraard vindt een filmpje dat de vernedering toont de weg naar Youtube.

De eerste Zuid-Afrikaanse textielfabrieken sluiten omdat t-shirts uit China (en Bangladesh) goedkoper zijn. Zuid-Afrika moet zich, na een in se linkse revolutie onderwerpen aan de rechtse mondiale boekhouding. De beveiligingsindustrie bloeit, de enige sector waar je vaardigheden van de guerilla-oorlog kan gebruiken. Kinderen uit de hogere middenklasse gaan in Brits aandoende uniformen naar elitaire scholen. Jongeren kennen de natuur en de agrarische gebieden van hun land alleen uit documentaires. De onverwachte parvenu’s en plotselinge bourgeois van de revolutie ervaren verrassende frustraties. Verhuizen naar het westen heet niet emigreren maar “gaan studeren”. Zwarte bewoners van een betere wijk dwingen een uitzettingsbevel af tegen arme drommels uit Zimbawe, geen broeders maar buitenlanders. Ook de achtergestelde Zuid-Afrikanen willen de vluchtelingen weg. Vergeet de pan-Afrikaanse solidariteit maar. En alle vrouwen zijn slachtoffer van een cultuur die straffeloosheid mengt met rituele seksuele rechten voor mannen.

Dit is een belangrijk boek, zonder meer. Nadine Gordimer onderzoekt eerlijk en diepgravend de overgang van revolutie naar regering, de rol van taal in de vrijheidsstrijd (Engels of Zoeloe?) en de ware aard van racisme, de Vlaams Blokker in elk van ons bij wijze van spreken.

Maar ze is niet meer van de jongste… Haar stijl hapert meer dan eens, ze vervalt in herhalingen, ze wil te veel uitleggen en grijpt te dikwijls naar de achtergrond van de personages om hun gedrag en gedachten te verklaren. Het verklaart de bordkartonnen nevenpersonages. Enkele vrij overbodige uitweidingen doen het al stugge ritme weinig goed en de vertaling kan daar niet veel aan verhelpen. Maar toch, als literair-politiek testament kan dit tellen, als portret van de dilemma’s van een natie die moeizaam op zoek is naar zichzelf zijn er weinig gelijken in de wereldliteratuur. Alle respect voor de hoogbejaarde Nadine Gordimer die de moed, het inzicht en het talent heeft om dit avontuur tot een goed einde te brengen.

Lucas Vanclooster

[Een tijd als nooit tevoren van Nadine Gordimer is uitgegeven bij De Geus Oxfam Novib, 470 p]