Knoflook en pekel - Josep Maria de Sagarra

wo 10/04/2013 - 13:53 De Catalaan Josep Maria de Sagarra (1894-1961) was tijdens zijn leven al een veelgeprezen schrijver. Zijn tweede roman, 'Knoflook en pekel', is je reinste taalvuurwerk.

josep maria de sagarra knoflook en pekel catalaans frans oosterholt recensie annick vandorpe

Josep Maria de Sagarra liet een omvangrijk oeuvre na in vrijwel alle literaire genres. Hij schreef drie romans, waaronder het meesterwerk 'Privéleven' (1932) over de neergang van een adellijke familie tijdens de jaren twintig in Barcelona. 'Knoflook en pekel' (1928) is zijn tweede roman. Het verhaal speelt zich afwisselend af aan de Spaanse kunst, in Girona en in Figueres en volgt de negentienjarige Quimet, een jongen uit een arme vissersfamilie die voor priester studeert en tijdens de zomervakantie verliefd wordt op Marí, het aantrekkelijkste meisje van zijn dorp. Zij is niet onverschillig voor zijn passie, maar er is een kaper op de kust, een vadsige handelsreiziger uit Figueres, op wie haar vader zijn hoop heeft gevestigd.

 

Op een sarcastische toon beschrijft de Catalaanse auteur het verhaal van de onzekere verliefde Quimet die na de zomer terugkeert naar het seminarie in Girona, daar troost zoekt bij meisjes van lichte zeden (wat faliekant afloopt) en uiteindelijk naar Figueres gaat om Marí, die daar werk heeft gevonden, van zijn liefde te overtuigen.

Wat de roman buitengewoon maakt, is de taal van Josep Maria de Sagarra die ook in het Nederlands verbluffend klinkt dankzij het talent van vertaler Frans Oosterholt. Zijn proza is weelderig, lyrisch, elegant, gedurfd, bij momenten zelfs absurd. Hij vergelijkt de hitsige Mari bijvoorbeeld met “een gemengde salade, met stukjes roze en knalrood en groen van verse knoflook en zeegras, overgoten met pure olijfolie en bestrooid met alle pepers van de Oriënt.” Hij laat de taal knallen, suizen en in duizend kleuren uiteenspatten. 'Knoflook en pekel' is je reinste taalvuurwerk.

Annick Vandorpe

 

['Knoflook en pekel' - Josep Maria de Sagarra. Vertaling: Frans Oosterholt. Uitgegeven bij Menken Kasander & Wigman Uitgevers, 216 p.]