Idyllen - Ilja Leonard Pfeijffer

ma 09/03/2015 - 10:04 **** De Nederlandse dichter Ilja Leonard Pfeijffer deed de voorbije jaren vooral als proza-auteur van zich spreken, vooral door zijn bekroonde roman 'La Superba'. We waren bijna vergeten dat hij ook een dichter is. Maar met zijn nieuwe bundel 'Idyllen' meldt hij zich nadrukkelijk in die gedaante terug, vindt Paul Demets.

poezie literatuur ilja leonard pfeijffer idyllen recensie paul demets

Idyllen

Ik hoor het raarste nieuws van onze buitenposten:
we zijn de door de evolutie afgelosten.
De torens zijn al lang gevallen. Overmorgen
zal hoogstwaarschijnlijk hopelozer zijn dan morgen.
Ik wil hier niet apocalyptisch zitten wezen.
Maar winter komt. We moeten luchten leren lezen.
Dus vrienden, grote dichters van heel Nederland
en België, waar wordt geschreeuwd is taal vacant;
Ik vraag niets, wil niets, eis niets, heb niets uit te leggen.
Maar kunnen we misschien beginnen iets te zeggen?

Wanneer je het woord ‘idylle ‘leest, denk je aan een ‘lieflijke, dichterlijke schildering van het landelijke leven’, zoals de definitie luidt. Maar wie Ilja Pfeijffers bundel leest, komt in een tegenovergesteld universum terecht. De bundel heeft een tocht op zee als leidmotief. Vanop een schip bekijkt het dichterlijke ik in vijftig gedichten, die samen één lang verhalend gedicht vormen, de ondergang rondom hem, in het gezelschap van engelen. De tocht roept herinneringen op aan 'Awater' van Martinus Nijhoff. Dat uit zich ook in de verhalende toon en de stijl, die helderder is dan voordien, als we dit vergelijken met het grootste deel van zijn poëzie in de verzamelbundel 'De man van vele manieren' (2008). Je kunnen zeggen dat hij opgeschoven is van het idioom van Lucebert naar dat van Nijhoff.

In Poëziekrant zei Pfeijffer begin dit jaar: "Wat ik interessant vind aan poëzie, is dat je veel meer kunt suggereren dan je zegt en dat je vaak de dubbelzinnigheid van bepaalde situaties uit de werkelijkheid in taal kunt vangen zonder dat je ze hoeft te analyseren." In zijn vroegere bundels experimenteerde hij met woorden en hun betekenis. Nu schrijft hij spreektaliger. Als reden voor die evolutie wijst hij de invloed van het songschrijven aan. Sinds enkele jaren schrijft Pfeijffer namelijk liedteksten voor de Nederlandse zangeres Ellen ten Damme. Pfeijffer: "Daarvoor moet je noodgedwongen dicht bij de spreektaal blijven. Als je zingt, heb je een veel lagere informatiedichtheid nodig. Tegelijkertijd wilde ik ook daar een soort van ambiguïteit." Die dubbelheid en dubbelzinnigheid vinden we ook in 'Idyllen'. En dat betekent dat de vos zijn streken nog niet verleerd heeft. Net als in zijn vroeger werk vinden we veel retoriek, gevarieerde versbouw en poëticale polemiek. In het fragment dat ik hier koos, zien we hoe Pfeijffer aan zijn dichtende collega’s duidelijk maakt dat het anders moet. Hij pleit voor meer inhoud en voor minder pose. Dat Pfeijffer daarbij ook zelf in het vizier komt, omwille van de standpunten die hij vroeger innam - "Onbegrijpelijke poëzie is altijd beter dan makkelijke poëzie", schreef hij in 2000 in een artikel in het tijdschrift Bzzlletin-, beseft hij maar al te goed. "Ik heb het zelf in het verleden fout gedaan,/ ontwortelaartje dat ik mij daar was", geeft hij in deze bundel toe.

Pfeijffers taal en beeldenvloed maken een barokke bundel van 'Idyllen'. Hij schrijft nu eens verheven, dan weer bijna platvloers en banaal. Maar typisch voor zijn aanpak is toch dat hij de bijna over elkaar buitelende beelden in een vrij strakke compositie van alexandrijnen vat. Die structuur houdt de verschillende registers van de gedichten bijeen. En de verschillende stemmen. Want in de gedichten duiken naast de ik-figuur bijvoorbeeld ook een gokverslaafde, een verkrachter, een prostituee en een jihadi op. Of neem de Palestijn, met zijn dochtertje van wie de "beentjes ervan af werden gereden/ door joden die ons heilig land hebben betreden/op laarzen die geen foute stappen kunnen doen/ omdat het jullie joden zijn. Vanwege toen/ Wie zes miljoen keer is vermoord, heeft niet het recht/ een mens te doden. Daarmee is het wel gezegd." Op zo’n momenten is 'Idyllen' niet minder dan een scherpe aanklacht.

Nee, het lezen van 'Idyllen' is geen rustgevende onderdompeling in een schildering van het landelijke leven. Maar wel een spannende tocht door allerlei stemmingen en langs diverse figuren. Een bad trip die je voor geen geld wil missen.

Paul Demets
Paul Demets is dichter en poëzierecensent.

['Idyllen' van Ilja Leonard Pfeijffer werd uitgegeven door De Arbeiderspers, Amsterdam, 181 p.]