Soumission - Michel Houellebecq

do 15/01/2015 - 10:20 Update: di 12/05/2015 - 14:13 *** In de nieuwe roman van Michel Houellebecq speelt religie een overheersende, stuwende rol. Wat gebeurt er als een moslimpartij in 2022 aan de macht raakt in Frankrijk? Moet je ‘de “politieke fictie” van ‘Soumission’ lezen als een ideologische potpourri of toch vooral als een literair huzarenstukje? Het omstreden boek is nu door Martin de Haan in het Nederlands vertaald als 'Onderworpen'.

michel houellebecq soumission dirk leyman martin de haan

Houellebecq vertaler Martin de Haan te gast bij Reyers Laat

Tegen schenen schoppen

Michel Houellebecq (56) heeft altijd graag het mes in de wonde geduwd. Om er vervolgens langdurig in te peuteren. “Slaan waar het pijn doet”, zo luidt sinds jaar en dag zijn schrijversadagium, zonder dat hij daarbij veel acht slaat op de gevolgen. Met internationaal gewaardeerde romans als 'Elementaire deeltjes' (1998), 'Platform' (2002) en 'Mogelijkheid van een eiland' (2005) nam Frankrijks belangrijkste literaire exportproduct de moderne samenleving op de hak.

Tegen de schenen schoppen van de islam, het feminisme en de generatie van mei 1968 zijn vaste prik in Houellebecqs oeuvre. Net als een obsessie met vreugdeloze seks en een diepgeworteld pessimisme, aangelengd met een soort dead pan humor. In zijn recentste – met de Prix Goncourt bekroonde - roman 'De kaart en het gebied' (2010) zette hij vooral de kunstwereld in zijn hemd. Toch leek hij ook flink wat gas terug te nemen, in zowel roman als publieke uitlatingen.

“Midden in de wereld”, zo luidde de ondertitel van ‘Platform’, misschien tot op heden de meest controversiële roman van Michel Houellebecq, waarin hij akelig accuraat een reeks aanslagen op Bali voorspelde. Midden in de wereld staan of waarnemer aan de zijlijn? De eenzelvige Houellebecq pendelt regelmatig tussen deze twee attitudes. Het was dan ook bibberen toen zijn uitgeverij Flammarion midden december aankondigde dat Houellebecq met een nieuwe roman over de islam zou komen, temeer omdat hij in 2002 deze godsdienst – in een dronken bui – had beschimpt als “la réligion la plus con”. Welke splinterbom zou de kettingrokende beroepsprovocateur ditmaal onder de Franse letteren leggen? Dat Frankrijk na de presidentsverkiezingen van 2022 gedomineerd zou worden door een moslimpartij die de samenleving naar haar hand zet, leek een behoorlijk explosieve these. “Politieke fictie”, zo betitelde Flammarion het werkstuk.

Wegens voortijdige lekken – omdat piraten de vooraf verspreide persexemplaren van ‘Soumission’ inscanden en op het net gooiden – ebde het verrassingseffect enigszins weg. De soep bleek minder heet dan ze aanvankelijk werd opgediend. ‘Soumission’  is inderdaad minder brandbaar dan je eerst zou vermoeden, al doet de titel dan denken aan ‘Submission’, de omstreden anti-islamfilm van Theo van Gogh.

Gemengde reacties

De roman valt op behoorlijk veel niveaus te lezen en bespeelt talloze registers. Het is zowel een “trieste farce” (dixit Libération) maar evengoed een schop onder de kont van krachteloze Franse politici (zoals Houellebecq het zelf in interviews ongeveer poneerde). Trap zeker niet zomaar in de val van de roman à thèse, want 'Soumission' is een pruttelend vat vol tegenstrijdigheden, als een lavastroom die niet weet welke kant op te lopen. Opnieuw regeert de ambiguïteit. Of zoals Philippe Lancon het in ‘Libération’ samenvatte: “Soumission  is een auberge espagnole, die openstaat voor alle angsten van hedendaags Frankrijk. (….) Het is ook een low-budget politieke fictieroman, genre Ed Wood, zonder veel bekommernis over de credibiliteit.” 

De Franse pers toonde zich alvast ernstig verdeeld over het boek. Sommigen spreken van zijn meest middelmatige boek, anderen gewagen van een visionair meesterwerk. Maar dat laatste is alleszins te veel eer.

Bekering

De roman begint uiterst houellebecqiaans. De mistroostig melancholische én gedesillusioneerde toon is ons vertrouwd sinds zijn debuut 'De wereld als markt en strijd' (1994), een boek dat de kiemen van zijn oeuvre al grotendeels bevat. Sindsdien heeft de schrijver er allerlei varianten van opgedist.

In de eerste hoofdstukken introduceert Houellebecq zijn enigszins slome ik-verteller: François, een academicus die zich al decennialang verdiept in leven en werk van de Franse ambtenaar-auteur Joris-Karl Huysmans (1848-1907). Zoals bekend bekeerde Huysmans zich op het eind van  zijn leven fanatiek tot het katholicisme, na zijn decadente meesterwerk 'A rebours'. Het is veel meer dan een detail in een boek waarin godsdienst en de zucht naar zingeving een prominente rol spelen. In veel opzichten spiegelt het leven van François dat van Huysmans: de verleiding van het kluizenaarschap, de afkeer van de wereld en de uiteindelijke bekering. Zij het dat François finaal de islam gaat belijden. Het personage zit dicht op de huid van Houellebecq zelf: “Wat zou er gebeurd zijn met mijn leven indien ik in mijn jeugd Huysmans was beginnen te lezen, vervolgens literatuur studeren en professor was geworden? Ik verbeeld me levens die ik niet heb geleid.” (interview in The Paris Review)

De 44-jarige François heeft het niet te verdrijven gevoel dat de hoogtepunten van zijn leven achter hem liggen. Hij leidt een onopvallend bestaan als weliswaar gewaardeerd professor aan de Sorbonne, waarbij hij jaarlijks – bij het begin van een nieuw academiejaar – een nieuw vriendinnetje scoort. Geleidelijk aan droogt zijn debiet aan verse dames op. Hij moet zijn bijna mechanische seksuele appetijt stillen bij prostituees of op YouPorn. François’ misogyne inborst wordt door Houellebecq danig uitvergroot. Feministen zullen meermaals hyperventileren tijdens het lezen van "Soumission". Zo noemt hij gelegenheidsliefje Aurélie smalend een “oiseau mazouté”, “al bezit ze nog wel een superieur vermogen om met haar vleugels te fladderen.” De academische wereld slaat hij met een afstandelijkheid gade. Echt veel politieke belangstelling vertoont hij niet: “Je me sentais aussi politisé qu’une serviette de toilette.” Maar de maatschappelijke ontwikkelingen dringen zich onmiskenbaar aan hem op. In het Frankrijk van 2022 regeert de onveiligheid, al worden straatgeweld en relletjes subtiel onder de mat geschoven.

President Ben Abbes

François is  bevreesd dat zijn vlakke loopbaan in het gedrang komt. En kan hij wel bij iemand terecht als het erom spant? Zeker nadat zijn enige echte – Joodse - vriendin Myriam naar Israël verhuist met haar ouders, slaat hij in paniek: “J’étais extrêmement seul.” Met zweethanden volgt François de presidentsverkiezingen, die een opvolger moeten kiezen voor de tweede ambtstermijn van nog slechts getolereerde François Hollande. In de tweede beslissende ronde staan op 5 juni 2022 het extreem-rechtse Front National en de Fraternité Muselmane, een nieuwe radicale moslimpartij, diametraal tegenover elkaar. De islampartij haalt met Mohammed Ben Abbes de presidentssjerp binnen door zich te verenigen met de centrum-rechtse UMP en de Parti Socialiste, en zo Marine Le Pen het gras van voor de voeten te maaien. Voor de traditionele partijen is het kiezen voor het minste kwaad. Maar omdat de schrandere moslimleider Ben Abbas een gematigd profiel heeft en Frankrijk binnen de EU wil houden, krijgt hij hun voorkeur. Wat voor Abbes telt, is demografie en het verspreiden van de islamideologie.

In 'Soumission' levert het uitgebluste Frankrijk met zijn gebrek aan burgerproject, zijn doorgedreven individualisme, zijn eenzaamheid en seksuele miserie zich vervolgens willoos over aan de islam, zij het een gemodereerde versie. Dat brengt dynamiek én rust in de samenleving, zo profeteert Houellebecq. Vrouwen keren terug naar de haard, gestimuleerd door overheidssubsidies en geld uit petroleumstaten. Ze kleden zich decent en verhullend. De werkloosheid slinkt zienderogen. In voormalige no-go-areas keert de kalmte terug en verzwindt de criminaliteit. De universiteiten worden in spoedtempo geïslamiseerd. François kiest – na enige geloofscrisissen en een pathetische rondgang langs het Frankrijk van Huysmans - eieren voor zijn geld. Hij bekeert zich tot de islam en kan blijven doceren. Zijn ‘onderwerping’ opent het troostrijke perspectief op polygame relaties onder de sluier, een bron van vreugde voor François, die nu eindelijk weer seksueel volop aan zijn trekken komt.

Karikatuur

Belga

Schetst Houellebecq een geloofwaardig perspectief? Niet echt. De islam wordt hoogst karikaturale trekjes toegedicht en ook wel danig gesimplificeerd. Wie er echt op gebrand is, vindt ongetwijfeld voldoende munitie om Houellebecq af te schilderen als een soort moslim- en vrouwenhater. Maar verwar je de schrijver dan niet met de uitlatingen van sommige van zijn personages? Het parfum van de provocatie zweeft bij momenten weer boven de roman. Le Nouvel Observateur liet bijvoorbeeld de bekende Parijse psychoanalist Fethi Benslama op het boek los. Hij ziet in de roman “een voorafspiegeling van onlusten in Europa waarvan moslims de zondebokken zullen zijn.” Maar Benslama geeft toe dat Houellebecq speelt met de categorieën “islamofobie/islamofilie. “Het is van een grote perversiteit om een soort “fobie-filie” te introduceren.” Ook hij meent dat het boek niet meteen iets bevat om een fatwa uit te lokken. Hij catalogiseert Houellebecq paradoxaal genoeg als “een sinistere jihadist, zijn roman speelt met de islam als oplossing voor de ziekte van het decadente Westen.”
In begeleidende interviews is Houellebecq mild over de islam, ja, voor zijn doen zelfs verrassend positief. Het zijn eerder de krachteloze Franse politici die in de klappen delen. Hij kleedt ook weer de uitgedoofde, hedonistische westerling uit, zoals hij dat al zo vaak heeft gedaan. Je merkt op talloze pagina’s de grimmige monkellach van Houellebecq achter talloze schimpscheuten, de groteske ambiguïteit waarin hij zich wentelt. Houellebecq beseft het zelf, zijn kunde om ons voor het lapje te houden: “Het is mijn talent dat het onmogelijk maakt om van mij een mogelijke vijand te maken. (…) Ik stel vragen waarop links geen antwoord weet. En rechts evenmin trouwens.” 

Stamppot

Ondanks ongemeen sterk geschreven passages – in die onderkoelde, typische houellebecqiaanse cadans - hangt de plot regelmatig met losse lasdraadjes aan elkaar, volgens het principe van ‘lange halen, snel thuis’. Je kunt niet zeggen dat Houellebecq zich erg bekommert over de finesses van de politieke en sociologische realiteit. Bovendien dreigt een buitenlandse lezer wel eens de kluts kwijt te raken bij de scheepsladingen Franse politici en debatleiders die de revue passeren.

Houellebecq voert in zijn boek ook een cocktail van politieke denkers op. Meer dan referenties aan de hedendaagse literatuur, lijkt Houellebecq zijn karretje aan te haken bij de politieke essayistiek die momenteel in Frankrijk veel opgeld maakt – van Eric Zemmour tot Alain Finkielkraut. Is het zo dat hij “de angsten van de Fransen bespeelt”, zoals hij meermaals heeft gezegd? Wellicht wel.

Marc Weitzmann poneert in Le Monde dat Houellebecq afglijdt naar een bijna romantisch te noemen “reactionair denken”. En, betoogt Weitzmann, “Houellebecqs betoog bestaat eruit de gelijkenissen te onderstrepen tussen Franse katholieke nationalisten en moslims, in een herstel van het patriarchaat.” Jean Birnbaum wijst dan weer op de referentie aan Bat Ye’Or die het concept van Eurabia in het leven riep, waarin het oude Europa zich willoos overlevert aan de Arabische landen. Maar steekt Houellebecq er ook niet de draak mee? Het blijft gissen.

Houellebecq schetst met sardonisch genoegen taferelen van een Franse samenleving in transitie en in verval, snakkend naar een soort ‘verlossing’. Het boek kreunt daarbij nogal onder de essayistisch getinte zijsprongetjes, telkens weer in de mond gelegd van welbespraakte personages. Thematisch is dit boek een echte stamppot, een allemansgerecht waarin iedereen wel zijn gading vindt. Wat krijgen we niet allemaal voorgeschoteld? Switchen van de Zwarte Madonna in Rocamadour naar de soepelheid van vrouwenkutten, het is voor Houellebecq slechts een koud kunstje.

Wat beklijft het meest? Uiteindelijk toch de zielloze, desolate atmosfeer die Houellebecq rondom zijn hoofdfiguur François weet te draperen. Is de politieke context slechts een ideologisch decorum voor zijn worsteling met een ontoereikend leven? 'Soumission' is in alle opzichten een onvervalste Houellebecq. Al klinkt het riedeltje bekend in de oren, niemand is in staat zo’n geniepig, tegendraads, ergerlijk, schokkend en tegelijk gevoelig, poëtisch én grappig boek te schrijven. Voeg daarbij zijn veelgeprezen ‘écriture plate’ en laconiek droge toon én je gaat voor de bijl, willen of niet. Bovendien krijgt de hopeloze strijd tegen het verval en de dood hier een nieuwe dimensie. En die ligt in het geloof. Een worsteling die aartsatheïst Houellebecq zélf schijnt door te maken, zo bekende hij. Zei Joris-Karl Huysmans trouwens niet dat hem na het schrijven van zijn decadente meesterwerk 'A rebours' slecht twee oplossing restten? Het was kiezen tussen de kogel of het kruis.

Dirk Leyman
Dirk Leyman is literair journalist, schrijft voor De Morgen en talloze andere publicaties. Legt zich vooral toe op Nederlandse en Franse literatuur, fotografie en de boekenwereld. Tussen 2006 en 2011 coördineerde hij de literaire website De papieren man.

[ Dit is een bewerkte versie van eerder in De Morgen verschenen beschouwingen over 'Soumission' van Michel Houellebecq, uitgegeven bij Flammarion, 2015, 300p. 'Onderworpen', de Nederlandse vertaling is verschenen bij De Arbeiderspers ]

Meer Houellebecq op Cobra.be