Tiki Pop

vr 08/08/2014 - 12:05 Tot 28 september biedt het Musée du Quai Branly in Parijs de bezoekers met ‘Tiki Pop’ een rijke exotische cocktail aan. De expo is een reis doorheen het Amerikaanse droombeeld van het paradijs in de Stille Zuidzee. Met de 400 tentoongestelde voorwerpen is het gevoel van “depaysement” - zoals de Fransen het zo passend verwoorden - totaal.

parijs musee du quai branly tiki pop hawai polynesie ukelele steel guitar cocktails populaire cultuur exotisme easy listening tahiti gauguin pierre loti sven kirsten

De reis begint bij de ingang van het museum. De drukke verkeersader die we achter ons laten, maakt eerst plaats voor een prachtige tuin. Eens binnen het gebouw gaan we via een lange slingerende gang - die geleidelijk donkerder wordt - naar de buik van het museum.

Via deze gang komen we terecht in de wereld van de Amerikaanse middenklasse uit de jaren vijftig en zestig. Alles wat toen naar Tahiti en Polynesië rook, was in sommige kringen “very hot stuff”. In een uitgebreide presentatie met foto’s, boeken, menukaarten, meubels en prullaria allerhande wordt de geschiedenis geschetst van de fascinatie van de westerse mens voor het denkbeeldige paradijs in de Stille Zuidzee. ‘Tiki Pop’ toont hoe een Polynesische halfgod - de eerste man die zelf de eerste vrouw schiep - het centrum werd van een hele rage die haar sporen heeft nagelaten in film, muziek, architectuur, literatuur en design.

De middenklasse in het naoorlogse Amerika was de rijkste generatie ooit. Materieel hadden ze alles wat ze zich konden wensen. Daartegenover stond ook een rigoureuze werkethiek met een hoop stress tot gevolg. Om aan die druk te ontsnappen vonden sommigen een uitlaatklep in een denkbeeldige wereld die het aardse paradijs van de tropische eilanden als inspiratiebron nam.

Een groeiende mythe

De westerse mens is altijd al gefascineerd geweest door vreemde culturen. De verhalen en artefacten die ontdekkingsreizigers mee naar huis brengen, hebben de fantasie door de eeuwen heen gevoed.
Dat was eind 19de eeuw niet anders. Als Gauguin rond 1880 ‘Rarahu’ leest - het autobiografisch relaas van Pierre Loti, een Franse marineofficier die twee maanden lang onder de lokale bevolking van Tahiti leeft - zet dat hem aan om zelf naar Tahiti te reizen. ‘Raharu’ - later opnieuw uitgegeven als ‘Le mariage de Loti’ met prachtige illustraties van Jean-Gabriel Domergue - is dan ook een van de eerste voorwerpen in het inleidend gedeelte van de tentoonstelling. Ook de verslagen van Captain Cook en de Franse admiraal Louis Antoine de Bougainville getuigen van de cultuurschok bij het betreden van wat zij als een ongerept paradijs zagen. 'Tusitala of the South Seas', de biografie van de schrijver Robert Louis Stevenson die zich op Samoa vestigt, draagt eveneens bij tot de mythevorming rond de Stille Zuidzee-eilanden. Later zal ook de populaire literatuur zijn figuurlijke duit in het spreekwoordelijke zakje doen. Zo is er bv. ‘White Shadows in the South Sea’, een roman van Frederick O'Brien, die later verfilmd wordt.

Mahina a me kai *

Als de eilandengroep Hawaï in 1897 door de Verenigde Staten geannexeerd wordt, vormt dat het begin van een steeds groeiende belangstelling in de VS voor “all things Hawaiian”. Vooral in de populaire muziek dringen de Hawaïaanse invloeden steeds meer door. Uiteindelijk zal zelfs een Hawaïaans instrument toegevoegd worden aan de oer-Amerikaanse countrymuziek: de steelguitar.
In de toonkasten van het museum vinden we een schat aan muzikale parafernalia die uit deze periode stammen. Zo is er een 78 toerenalbum van Lani McIntire and his Aloha Islanders. Lani McIntire was een Hawaïaanse muzikant die grote populariteit verwierf als steel guitar speler en samenwerkte met Jimmi Rodgers en Bing Crosby. Later trad hij ook op in de film 'South of Pago Pago', een van de klassiekers van het genre.

Daarnaast wordt er ook aandacht besteed aan de ukelele, dat andere instrument dat nog steeds met Hawaï wordt geassocieerd. De tentoonstelling schetst een goed beeld van de populariteit van Hawaïaanse muziek. In de populaire muziek gonsde het in het begin van de twintigste eeuw blijkbaar van de ukeleles, maanlicht en Honolulus. De komst van Hawaïaanse dansgroepen op de wereldtentoonstellingen eind negentiende eeuw heeft hierbij ook een rol gespeeld. Zo verschenen er in 1893 op de Columbian Exposition in Chicago zogenaamde “hula” dansers die het Amerikaanse publiek warm moesten maken voor een bezoek aan Hawaï.

In de andere takken van het entertainment vinden we ook die invloeden terug. In de stille film is het vooral F.W. Murnau die met ‘Tabu’ een indringend portret schetst van de inwoners van een Polynesisch eiland die zich moeten aanpassen aan de groeiende westerse invloeden. Een van de grote succesfilms van de jaren dertig is 'Mutiny on the Bounty' naar een roman van Nordhoff en Hall met Clark Gable en Charles Laughton in de hoofdrollen. Hetzelfde schrijversduo publiceert in 1936 ‘The Hurricane’, dat een jaar later ook als film van John Ford een groot succes kent, met themanachtclubs en restaurants in het kielzog. Zo is er in Brookdale, California de Clifton's Cafeteria waar met o.a. bamboe en gevlochten matten een Polynesische sfeer wordt opgeroepen. Er ontstaat een hele industrie die dit soort van decoratiemateriaal op de markt brengt, inclusief gespecialiseerde importbedrijven.

Olakino **

Een van de mythische bars uit die tijd is het geesteskind van ene Ernest Raymond Beaumont-Gantt, die in 1934 in Los Angeles het ‘Don's Beachcomber Cafe’ begint. Ernest Gantt, een filmdecorateur en bootlegger, ziet op het einde van de drooglegging geld in een tropische bar. De bar is een echte “hit” en populair bij de filmsterren van Hollywood. De bar groeit uit tot een instituut, vooral door de exotische cocktails op basis van rum. De eerste bar in LA wordt later een hele keten van zogeheten Tiki-bars, met als slogan "If you can’t get to paradise, we’ll bring it to you". Al snel volgen er andere, gelijkaardige bars en restaurants zoals 'The Tropics' (waar ze cocktails serveren met namen van bekende Hollywoodsterren) en 'The Luau'.
Een van die filmsterren op de kaart van ‘The Tropics’ is Frances Langford, die bekend wordt aan de zijde van Bing Crosby en Bob Hope. Zij trouwt met Jon Hall, de neef van James Hall (herinner u 'Mutiny on the Bounty' en 'The Hurricane'). Ook zij en haar man worden door het horecavirus gebeten en starten met 'The Outrigger' in Florida. Op de expo in Parijs wordt de sfeer van deze bars opgeroepen met ‘The Mai Tai Room’, een reconstructie van een typische Tiki-bar met muziek van o.a. Martin Denny op de achtergrond.

De Tiki-rage dringt na de Tweede Wereldoorlog door tot een groot deel van de blanke middenklasse in de VS. Elk huishouden in de rijkere “suburbs” heeft wel een cocktailbar en er wordt zelfs een speciaal kledingstuk in het leven geroepen voor de feestjes met exotische drankjes: de cocktailjurk. De mannen van het gezelschap tooien zich met fleurige Hawaïhemden.

Op de expo zien we nog een link met de wereld van de couture: op een still uit 'The Little Hut', een film uit 1956, zien we Ava Gardner in een rok en top uit stro, een ontwerp van Christian Dior!
Verder wordt de hele panoplie van toebehoren en accessoires voor de Tiki-feestjes uitgestald, waaronder de kava-schotel, een grote schaal waarin de ingrediënten van de cocktails gemengd worden. In bars als de Mai-Kai in Fort Lauderdale in Florida werden deze kava-schotels opgediend door een zogeheten "mystery girl" die na een slag op een gong de schotel aan de gasten presenteert die er dan als in een soort ritueel gezamenlijk uit dronken. Ook de blijkbaar alomtegenwoordige Tiki-bekers, die er uitzien als een stuk bamboe met daarop de afbeelding van de Polynesische halfgod, prijken er in alle mogelijke maten en kleuren.

Architectuur, verval en revival

De A-lijn van de daken van Polynesische hutten duikt in de hoogdagen van de Tiki-rage overal op: appartementen, hotels, motels, bowlingalleys en winkelcentra lijken plotseling eerder op een Tahitiaans dorp.

Midden jaren zestig komt er dan toch klad in deze rage. De kinderen van de babyboom zijn ondertussen bijna volwassen en hebben geen boodschap aan van wat zij zien als belegen, zelfs racistisch exotisme. Marihuana en LSD vervangen voor een groot deel de alcohol als favoriete drug en de daarbij horende psychedelica als de deur naar een andere wereld. Pas in de jaren negentig - na de punk, new wave en grunge - ontstaat er een soort van revival. Exotica, lounge en easy listening zijn opnieuw hip en een nieuwe generatie ontdekt de bizarre cocktailcultuur van hun grootouders. Sven Kirsten is een van die aficionado's die alles verzamelt wat met de Tiki-rage te maken heeft. De tentoonstelling in Parijs is het resultaat van zijn jarenlange zoektocht als zelfverklaard cultuurarcheoloog langs rommelmarkten en "garage sales".

[ 'Tiki Pop' in het Musée du Quai Branly in Parijs tot 28 september 2014 ]

*: de maan en de zee
**: gezondheid