350 jaar academie, 5 maanden expo en feest

do 05/09/2013 - 16:54 Video update: vr 06/12/2013 - 16:14 De 350ste verjaardag van de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten en de 50ste verjaardag van de modeafdeling worden gevierd met niet minder dan zeven tentoonstellingen en een hele reeks publicaties en nevenactiviteiten tot einde januari 2014. Vanaf 8 september kunt u zich verdiepen in de geschiedenis van deze eerbiedwaardige instelling en de sporen die het in de stad en ver daarbuiten heeft nagelaten.

kask koninklijke academie voor schone kunsten antwerpen modemuseum momu museum aan de stroom mas muhka walter van beirendonck happy birthday dear academie

Wat hebben Ann Vandevorst, Jozef Peeters, Panamarenko, Marina Yee, Laurens Alma Tadema, Philip Aguirre y Otegui, Nicaise De Keyser, Emile Claus, Fred Bervoets, Luc Tuymans, Kati Heck (op de foto hiernaast) en Vincent Van Gogh gemeen? Zij hebben allemaal een opleiding gevolgd aan de Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen.

Een wereld apart

Het gebouwencomplex aan de Mutsaertstraat in Antwerpen is een wereld apart waar jonge en minder jonge mensen, op zoek naar artistieke vorming, zich aansluiten bij een roemrijke traditie. In zijn openingsrede tijdens de persvoorstelling sprak schepen voor cultuur Philip Heylen over de academie als "een kruispunt van traditie en experiment, op een stroom van creativiteit". Ook de wisselwerking met het buitenland maakt wezenlijk deel uit van het verhaal van de academie. De reputatie van de vierde oudste academie - na Rome, Parijs en Firenze - heeft er voor gezorgd dat studenten van heinde en verre naar Antwerpen afzakken terwijl alumni van Belgische origine regelmatig carrière maken in het buitenland.

Toch is het voormalige franciscanenklooster - waar de academie nu gevestigd is - niet de plaats waar de geschiedenis begint in 1663. Als David II Teniers op vraag van de Sint-Lucasgilde de academie met goedkeuring van Filips IV sticht, bevindt het eerste leslokaal zich op de bovenverdieping van de Handelsbeurs. Pas in 1811 - de lokalen van de Handelsbeurs zijn te klein geworden - schenkt Napoleon het in beslag genomen klooster aan de stad Antwerpen om er de academie in onder te brengen. De voormalige kerk werd gebruikt om de eigen collectie van beeldhouwwerken - sommige uit marmer maar de meesten uit plaaster - en schilderijen die als studiemateriaal verzameld werden in onder te brengen. Deze verzameling is de kern van de collectie van het huidige Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen.

Een ambacht op tien jaar

In de zeventiende en achttiende eeuw legt de academie de nadruk op ambachtelijke vorming. Ondersteunende beroepen zoals hout- en plaatsnijders studeren naast schilders van portretten, landschappen en stillevens, architecten en meubelmakers. Lange tijd beginnen leerlingen al vanaf hun veertiende aan de academie. De studieduur was dan tussen de zeven en tien academiejaren.

Van Gogh vs. Siberdt

Ook eind negentiende eeuw is conservatisme nog troef aan de academie. Het begrip moderne kunst sijpelt maar langzaam door de eeuwenoude muren. Het verhaal van Vincent Van Gogh is exemplarisch. De kunstenaar uit Zundert komt in 1886 naar de academie waar hij gratis les krijgt en - nog belangrijker - een gratis levend model. De moderne kunstenaar die vooral in kleur denkt, botst met zijn leraar - ene Eugène Siberdt - die vooral de nadruk legt op de tekenkunst en die in de ogen van Van Gogh niets van kleur en verf kent. Het conflict is typisch voor de spanningen tussen het zuivere academisme en de moderne kunst die de eigen inbreng en emoties van de schilder of beeldhouwer tot volle ontplooiing wil laten komen. Op het einde van zijn eerste semester wordt Van Gogh dan naar de lagere afdeling verwezen om er “fatsoenlijk te leren tekenen”.

Traditie vs. vernieuwing

In latere jaren is de verstandhouding tussen leerlingen en leraars eveneens niet altijd optimaal. Het verschil in mentaliteit tussen sommige oudere leraars - in de woorden van Luc Tuymans “gefrustreerde kunstenaars” - en de jongere garde leidt soms tot aanvaringen en misverstanden.
Ook Anne-Mie Van Kerkhoven komt naar de academie met hoge verwachtingen. Zij dacht terecht te komen in “een tempel van geluk” maar dat valt in de realiteit flink tegen. “Je moest tekenen zoals de oude meesters, je eigen ding doen was not done.”.
Wie door de studenten wel op handen werd gedragen, is Fred Bervoets. Hij is zelf een ex-student en vijftien jaar lang een bevlogen leraar die met zijn enthousiasme de jongere generatie inspireert.

Zelfdiscipline, vastberadenheid en geloof in zichzelf

Eens de opleiding aan de academie afgerond is, begint voor vele voormalige studenten een moeilijke periode. Zij moeten hun weg zien te vinden buiten wat Walter Van Beirendonck - huidig hoofd van de modeafdeling en zelf ex-student - “de veilige cocon” van de academie noemt.
Zelfdiscipline, vastberadenheid en geloof in zichzelf”, dat zijn de eigenschappen die een kunstenaar in spe moet hebben om de moeilijke beginjaren door te komen, aldus Rik Slabbinck, leraar aan de academie van 1963 tot 1979.

Een nieuwe afdeling

In de tijd dat Slabbinck les begint te geven aan de Antwerpse academie wordt daar een nieuwe studierichting opgericht die haar faam nog meer dan voorheen tot ver over de grenzen zal doen groeien. Wat eerst als een cursus modetekenen begint - onder de leiding van Mary Prijot - evolueert door de jaren tot een volwaardige afdeling die als één van de beste ter wereld geldt qua modeopleiding. Vooral de lading studenten die begin jaren tachtig afstudeert, o.a. “The Antwerp Six” zoals ze in de Britse pers genoemd worden, zetten de Belgische mode definitief op de kaart.

Join the wave

In het Modemuseum wordt de geschiedenis van de modeafdeling van de academie samengevat met “The Wave” een grote tijdslijn met alle protagonisten. Van de legendarische Mary Prijot over Linda Loppa - die een nieuwe wind door de afdeling laat waaien - tot Walter Van Beirendonck die tot vandaag het flamboyante hoofd is.

Naast hen vele studenten die ondertussen “household names” zijn, zowel ontwerpers als Ann Vandervorst en Bernard Willhelm, maar ook mensen die een alternatieve carrière in de mode hebben gemaakt zoals Peter Philips die het tot hoofd van de maquillageafdeling van Chanel bracht en Olivier Rizzo die als stylist aan de slag ging bij gerenommeerde huizen als Louis Vuitton en Prada. Binnen in de tentoonstelling krijgt de bezoeker een thematisch overzicht van de talloze creaties die deel uitmaakten van de eindejaarscollecties van de studenten. Verder een indrukwekkende muur met ontwerptekeningen. Hiermee wordt de nadruk op het belang van de tekening - als basis voor elke artistiek idee - die ook op de modeafdeling wordt gelegd, extra in de verf gezet.

Toekomst is verleden tijd

De kleine geschiedenis van de Antwerpse kunstacademie komt ook aan bod in '350 jaar geknutsel', een nieuwe voorstelling in de eeuwenoude poesjenellentraditie. Karel Vingerhoets en Wannes Verbist bekijken het reilen en zeilen van de academie door de ogen van Kopke en de Neus. Deze volksfiguren waren er immers zelf bij, van Sint-Lucasgilde tot modeafdeling, en denken er zo het hunne van.

In de gebouwen van de academie zelf wordt de geschiedenis van de instelling op twee verschillende manieren gevisualiseerd. In de “Lange Zaal” heeft Ludo Lens, een ancien die het reilen en zeilen van de instelling al lange tijd volgt, een uitgebreide selectie met werken van oud-studenten en -docenten samengebracht.

De lijst met namen van ‘Toekomst is verleden tijd’ is te lang om hier op te noemen, maar als u gaat kijken let dan vooral op de tekeningen van Paul Joostens die op latere leeftijd in de aanpalende straat van de academie woonde en er ’s winters regelmatig binnenliep om er zich op te warmen. De verarmde kunstenaar bespaarde zo op verwarming. In de Wintertuin wordt de geschiedenis in documenten geëvoceerd onder de titel ‘De papieren van de muze’.

Deze twee tentoonstellingen worden mooi aangevuld door twee boeken. Enerzijds is er ‘Contradicties’, een lijvige monografie met vijftien essays, een uitgebreide kroniek en nooit eerder gepubliceerd beeldmateriaal die een kritisch licht werpt op het ontstaan en de ontwikkeling van de academie. Anderzijds is het er kleine boekje ‘In het spoor van de academie’ dat historicus Jan Lampo samenstelde met de ‘petite histoire’ van de academie en de sporen die ze in de stad heeft nagelaten.

van links naar rechts: werk van Wannes Goetschalckx, Julia Wlodkowski en Kati Heck

Sporen in de stad

Van sporen in de stad gesproken, twee zijprojecten doen hun best om er (tijdelijk) nieuwe aan te brengen. ‘21ste eeuw buiten’ is het initiatief van het curatorencollectief HELD (Wilfried Huet, Dirk Engelen, Stella Lohaus en Isabel Devriendt) die acht kunstenaars die na 2000 aan de academie afstudeerden, hebben uitgenodigd om een nieuw werk in de publieke ruimte te realiseren.

De werken liggen op een overzichtelijke route van de Lange Beeldekensstraat (waar Vincent Van Gogh in 1886 een kamer huurde) langs de academie tot aan de Sint-Paulusplaats aan de Schelde. De werken zijn van wisselende kwaliteit. Wij waren alvast wel gecharmeerd door de fontein van Kati Heck die de bezoekers een waterstraal uit haar evenbeeld aanbiedt.

Een tweede route wordt gevormd door ‘Antwerp Icons’. Fotograaf Ronald Stoops, visagiste Inge Grognard en Dirk Van Saene die de styling op zich nam, hebben een aantal silhouetten van 12 ontwerpers - allen alumni van de academie - op gestapelde containers laten aanbrengen.

Het koninginnenstuk

Deze route leidt de bezoekers naar het MAS waar het koninginnenstuk van het tentoonstellingsluik zich aanbiedt. Op ‘350 jaar Koninklijke Academie voor Schone Kunsten Antwerpen’ presenteren Walter Van Beirendonck en Paul Huvenne (directeur KMSKA) hoogtepunten uit de collectie van het KMSKA aangevuld met topstukken van (inter)nationale bruikleengevers en eigen werk uit het bezit van tal van gereputeerde kunstenaars. In een uitgekiende presentatie, die Van Beirendonck met zijn vaste graficus Paul Boudens bedacht, krijgt u een eigenzinnige tocht doorheen vier eeuwen levende geschiedenis. Blikvanger is een gigantische ‘Golden Wall’. Walter Van Beirendonck koos met een gezond gebrek aan respect en een spontaan buikgevoel het beste van 350 jaar Academie. Het geheel is een gigantische hedendaagse versie van een kunstkamer zoals die door rijke burgers als Nicolaas Rockox in de zestiende en zeventiende eeuw werd ingericht.

Vuile academie vs. wit museum

Tot slot is er nog het M HKA. Hier kunt u vanaf 27 september gaan kijken naar wat er gebeurt als de “vuile” academie binnendringt in de witte zalen van het museum. . Kunstenaar Nico Dockx en kunsthistoricus Johan Pas nodigen diverse kunstenaars en kunstliefhebbers, docenten en studenten, denkers en doeners uit om na te denken over de rol van de academie én van het museum in een veranderende kunstwereld. Met dat doel voor ogen worden de drie tentoonstellingszalen op de hoogste verdieping van het M HKA omgeschakeld tot een tijdelijke dependance van de Academie. De drie ruimtes krijgen de functies van archief, aula en projectruimte en zijn met elkaar verbonden door een flexibele, transparante structuur van architect Yona Friedman. De structuur biedt een weerbarstig kader voor de gesprekken, lessen, workshops, discussies en presentaties die er gedurende drie maanden zullen plaatsvinden.

Stroom van talent I

Rest ons nog te melden dat Canvas in december een tweedelige documentaire zal uitzenden met gesprekken en archiefbeelden. ‘Stroom van talent’ traceert de boeiende geschiedenis door de ogen van bekende alumni. Te beginnen met Panamarenko, Fred Bervoets en Adriaan Raemdonck in de jaren 50-60. Over Anne-Mie Van Kerckhove en Guy Cassiers tijdens de woelige seventies. Via de jaren 80 met Wouters & Hendrickx, Jan Fabre, Luc Tuymans en Daan. Om door de jaren 90 te walsen met Peter Weidenbaum en Cindy Wright. En tenslotte tot bij Kati Heck te komen die afstudeerde in 2000. Zij kennen het oude gebouw van binnen en van buiten, zij hebben er avonturen beleefd en levenslessen geleerd.

Hiernaast vertelt Jan Lampo de meest frappante historische gebeurtenissen. Doorspekt met archiefmateriaal, oude geschriften en meesterlijke kunstwerken. Het wordt een fascinerende tocht doorheen een rijk verleden.

Stroom van talent II

In het tweede deel richt ‘Stroom van talent’ zich op de modeafdeling. De mode-afdeling in de Nationalestraat is vier jaar hard werken, is doorzettingsvermogen aanleren, is een eigen signatuur leren neerzetten. Het is kleurrijke feestjes organiseren, nog steeds tekenen met potlood, de adrenaline van een eindejaarsdéfilé voelen, uitstapjes doen naar Londen en Parijs. Het is een (gezonde) concurrentiestrijd tussen vrienden, een boeiende kruisbestuiving tussen studenten van meer dan 50 verschillende nationaliteiten, maar het is vooral een allesomvattende passie voor mode.
De kijker krijgt de verhalen van deze vijftigjarige geschiedenis te horen van de grote Belgische modenamen zélf. Dries Van Noten, Walter Van Beirendonck, Marina Yee, Dirk Bikkembergs, Tim Van Steenbergen, AF Vandervorst, Glenn Martens, Jo Wijckmans, Peter Philips, Dirk Van Saene, An Demeulemeester, Linda Loppa en Yvonne De Cock. Allemaal zijn ze alumni van de mode-afdeling van de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten. En allemaal waren ze bereid om voor Canvas terug te keren naar hun studententijd. Mode-kenner Geert Bruloot duidt aan de hand van soms uniek archiefmateriaal de tijdsgeest van de verschillende perioden.

  • 350 jaar Koninklijke Academie voor Schone Kunsten Antwerpen in het MAS - van 8 september 2013 tot 26 januari 2014
  • 50 jaar Modeafdeling in het MoMu - van 8 september 2013 tot 16 januari 2014
  • Academie Intra Muros (De toekomst is verleden tijd & De papieren van de muze) in de KASK - vanaf 8 september
  • 21ste eeuw Buiten! - op verschillende locaties in Antwerpen
  • Antwerp Icons - op verschillende locaties in Antwerpen
  • Muhkademie - in het MUHKA van 27 september 2013 tot 5 januari 2014
  • Op 7 september is er in de academie een feestelijke openingsavond vanaf 21 uur.
  • Alle informatie vindt u ook terug op www.happybirthdaydearacademie.be
  • 350 jaar geknutsel in de kelder van de MASshop - zondag telkens om 14:00 uur - 6, 13, 20 oktober - 3, 10, 17 november en 1, 8, 15 december

De Academie in het archief